Dienstbrief / intern memorandum.
Origineel
Dienstbrief / intern memorandum. 8 november 1941. H. Walch Czn, Hoofdcommies en Chef der Centrale Schrijfkamer. [Handgeschreven rechtsboven:]
~ Beeren
opmaken
PA
GEMEENTE AMSTERDAM
Amsterdam, 8 November 1941.
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER VAN DIT SCHRIJVEN EN DE AFDEELING TE VERMELDEN.
Ter uitvoering van het besluit van den Heer Burgemeester dd. 24 October 1941 No.1585/ 25 Fin.1941, heb ik de eer U beleefd te verzoeken mij wel een opgave te willen verstrekken van de voor Uwe schrijfmachines loopende schoonmaakabonnementen. -
U gelieve in de opgave te vermelden:
1e. Merk en nummer van de machines;
2e. Bij welke firma het schoonmaakabonnement loopt;
3e. Voor welken termijn het is afgesloten (begin- en einddatum);
4e. Voor hoeveel schoonmaakbeurten per jaar en verdere condities (b.v. klein onderhoud inbegrepen e.d.);
5e. Tegen welken prijs.
Ik zal de opgave gaarne binnen enkele dagen ontvangen.
Sh.
De Hoofdcommies
Chef der Centrale Schrijfkamer,
[Handtekening: H. Walch]
(H.Walch Czn)
Stadhuis
Kamer 281
[Linksonder:]
C.S.Stadhuis
A'dam, 11-'41.
Model G.A. 5
Stadsdrukkerij Amsterdam
*15081-7-41-5000
[Onderaan, handgeschreven/gestempeld:]
№ 7/34/2 M. 1041 9/11 7 Dit document is een administratieve circulair binnen de Gemeente Amsterdam. De Chef van de Centrale Schrijfkamer verzoekt andere afdelingen om gedetailleerde informatie over de lopende onderhoudscontracten voor hun typemachines.
De gevraagde informatie is zeer specifiek: identificatie van de apparaten (merk en nummer), de betrokken firma, de contractduur, de frequentie van het onderhoud en de kosten. Dit wijst op een centrale inventarisatie, waarschijnlijk met het doel om de uitgaven te controleren, te bezuinigen of contracten te harmoniseren.
De formele toon ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken") is typerend voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. De afkorting "Czn" achter de naam Walch staat voor "Corneliszoon", een destijds gebruikelijke wijze om personen met dezelfde achternaam te onderscheiden. Het document dateert van november 1941, ruim anderhalf jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het een ogenschijnlijk triviale administratieve kwestie betreft (het onderhoud van kantoormachines), weerspiegelt het de voortzetting van het ambtelijk apparaat onder bezetting.
In deze periode stond het gemeentebestuur onder toezicht van de bezetter, en werden administratieve processen vaak aangescherpt voor een efficiënter beheer van middelen. De verwijzing naar een besluit van de "Heer Burgemeester" van 24 oktober 1941 duidt op de directe aanleiding; op dat moment was Edward Voûte de door de Duitsers aangestelde burgemeester van Amsterdam.
De Centrale Schrijfkamer was de afdeling die verantwoordelijk was voor het typewerk en de tekstverwerking (avant la lettre) voor de diverse gemeentelijke diensten. In een tijd waarin papierwerk de kern van de bureaucratie vormde, was het goed functioneren van de schrijfmachines essentieel voor de gemeentelijke bedrijfsvoering. De schaarste aan materialen en onderdelen tijdens de oorlogsjaren maakte een strak beheer van dit soort contracten extra relevant.