Administratieve opgave van salarisbetalingen.
Origineel
Administratieve opgave van salarisbetalingen. Juni 1941. Opgave
ingevolge de circulaire van den Wethouder voor de Pensioenen (No. 2511
P.B.) van aan wachtgelders bij het Marktwezen over de maand Juni 1941
te betalen salarissen.
No. 84/1/G.B.1941.
| Duurtetoeslag | Ingehouden belasting op 15 Juni 1941 | |
|---|---|---|
| I.P. Fleurbaay – schrijver | ||
| Bruto-salaris | ||
| ƒ 132,50 | ƒ 7,95 | ƒ 6,50 |
| P. Flakké – contrôleur | ||
| Bruto-salaris | ||
| ƒ 147,91 | " 8,87 | " 8,45 |
Er worden drie bedragen per persoon genoemd:
1. Bruto-salaris: Het basisbedrag van de uitkering.
2. Duurtetoeslag: Een extra toelage die in de oorlogsjaren werd ingevoerd om de stijgende kosten van levensonderhoud (inflatie) te compenseren.
3. Ingehouden belasting: De loonbelasting die direct op het salaris werd ingehouden.
Opvallend is het gebruik van de "dittotekens" (") bij de tweede persoon om de gulden-tekens te herhalen. De bedragen geven een indicatie van het prijspeil in 1941; een maandsalaris van rond de 140 gulden was destijds een modaal inkomen voor een administratieve functie. Het document dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De administratieve machine van de Nederlandse gemeenten bleef tijdens de bezetting grotendeels intact en functioneerde volgens de bestaande regels, zij het onder toezicht van de bezetter.
De term "Marktwezen" duidt op de gemeentelijke dienst die belast was met het beheer van markten en abattoirs. In steden als Amsterdam vonden in deze periode grote verschuivingen plaats in het personeelsbestand, onder andere door het ontslag van Joodse ambtenaren (november 1940) en de herstructurering van gemeentelijke diensten onder de nieuwe orde. Het is mogelijk dat de genoemde personen wachtgeld ontvingen als gevolg van deze politieke of structurele veranderingen. I.P. Fleurbaay P. Flakk Marktwezen
Samenvatting
Dit document is een officiële loonlijst of 'opgave' van de gemeente voor ambtenaren die op dat moment "wachtgeld" ontvingen. Wachtgeld is een vorm van uitkering voor ambtenaren die buiten hun schuld om (bijvoorbeeld door reorganisatie of politieke redenen) hun actieve functie verloren hadden, maar nog wel in dienst waren.
Er worden drie bedragen per persoon genoemd:
1. Bruto-salaris: Het basisbedrag van de uitkering.
2. Duurtetoeslag: Een extra toelage die in de oorlogsjaren werd ingevoerd om de stijgende kosten van levensonderhoud (inflatie) te compenseren.
3. Ingehouden belasting: De loonbelasting die direct op het salaris werd ingehouden.
Opvallend is het gebruik van de "dittotekens" (") bij de tweede persoon om de gulden-tekens te herhalen. De bedragen geven een indicatie van het prijspeil in 1941; een maandsalaris van rond de 140 gulden was destijds een modaal inkomen voor een administratieve functie.
Historische Context
Het document dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De administratieve machine van de Nederlandse gemeenten bleef tijdens de bezetting grotendeels intact en functioneerde volgens de bestaande regels, zij het onder toezicht van de bezetter.
De term "Marktwezen" duidt op de gemeentelijke dienst die belast was met het beheer van markten en abattoirs. In steden als Amsterdam vonden in deze periode grote verschuivingen plaats in het personeelsbestand, onder andere door het ontslag van Joodse ambtenaren (november 1940) en de herstructurering van gemeentelijke diensten onder de nieuwe orde. Het is mogelijk dat de genoemde personen wachtgeld ontvingen als gevolg van deze politieke of structurele veranderingen.