Getypt afschrift van een officiële brief (begeleidend schrijven).
Origineel
Getypt afschrift van een officiële brief (begeleidend schrijven). 28 mei 1941. Provinciaal Bestuur van Noordholland, Afdeeling 3 A. Regeeringscommissaris voor Amsterdam. No.10/18/1 M.1941 17/6 AFSCHRIFT. dupl.
No.611 L.M.1941.
PROVINCIAAL BESTUUR VAN NOORDHOLLAND.
Afdeeling 3 A.
Haarlem, 28 Mei 1941.
No.85.
Onderwerp:
Onderzoek nopens financiën der
gemeente Amsterdam.
1 bijlage.
Op verzoek van den Secretaris-Generaal van het Departement van
Binnenlandsche Zaken hebben wij de eer hierbij aan U toe te zenden
een mede namens den Secretaris-Generaal van het Departement van
Financiën aan U gerichten brief van 21 Mei 1941, no.19225 Afd.B.B.Bur.
Fin., betreffende het onderzoek van de financiën der gemeente Amster-
dam.
Met den inhoud van dien brief kunnen wij ons vereenigen.
Gedeputeerde Staten
van Noordholland,
get. Backer, Voorzitter
get. M.A. Stufkens, Griffier.
Voor eensluidend afschrift,
de Gemeentesecretaris van Amsterdam,
w.g. J.F. Franken,
Aan den Heer Regeeringscommissaris
voor Amsterdam. * Inhoud: De brief dient als geleidebrief voor een schrijven van de Secretarissen-Generaal van de Departementen van Binnenlandse Zaken en Financiën. Het onderwerp is een formeel onderzoek naar de financiële huishouding van de gemeente Amsterdam. Gedeputeerde Staten van Noord-Holland verklaren zich expliciet akkoord met de inhoud van de bijgevoegde (hier niet zichtbare) brief.
* Formele aspecten: Het betreft een "eensluidend afschrift", gewaarmerkt door de Gemeentesecretaris van Amsterdam (J.F. Franken). De ondertekenaars van het origineel waren de Voorzitter van Gedeputeerde Staten (Backer) en de Griffier (Stufkens).
* Taalgebruik: Typisch zakelijk-ambtelijk taalgebruik uit de vroege 20e eeuw met archaïsche naamvallen ("den Secretaris-Generaal", "dien brief"). * Historische periode: De brief dateert van mei 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
* Bestuurlijke context: De term "Regeeringscommissaris voor Amsterdam" verwijst naar de nieuwe bestuurlijke realiteit onder de bezetter. In maart 1941, kort na de Februaristaking, was de democratisch gekozen burgemeester De Vlugt ontslagen en vervangen door de regeringscommissaris (later weer burgemeester genoemd) Edward Voûte.
* Financieel toezicht: Tijdens de bezetting werd het toezicht op de gemeentefinanciën door de centrale overheid (onder aansturing van de Duitse bezettingsautoriteiten) sterk aangescherpt. Dit onderzoek was waarschijnlijk een stap in het proces om de gemeentelijke autonomie in te perken en de financiële middelen van de stad beter te controleren voor de behoeften van de bezettingsmacht.