Archiefdocument
Origineel
29 november 1941. De Wethouder voor de Financiën (J. Walch Czn.). [Briefhoofd met wapen van Amsterdam]
Gemeente Amsterdam
Raadhuis, O.Z. Voorburgwal
[Rechtsboven handgeschreven:]
Marktw.
Dr.
Th. Müller
6/12
[Groot paars stempel:] Nº 10/32/1 29. 11. 1941
Telefoon 43130, 43321
Men wordt verzocht, bij het antwoord nauwkeurig den datum, het nummer en de afdeeling van dezen brief te vermelden
Afd. Fin [paars stempel] No. 703/20 [paars stempel] 1941/1127 am. 1941 [handgeschreven] Uw brief:
Datum: 29 [handgeschreven in rood] November 1941.
Onderwerp:
Door de Vereeniging van Nederlandsche Gemeenten worden finan-ciëele gegevens gevraagd, o.m. ten aanzien van den invloed van maatregelen die van hoogerhand zijn uitgevaardigd, op de gemeente-lijke uitgaven.
Onder toezending van een exemplaar der vragenlijst met het daarbij behoorende schrijven van de Vereeniging waarin de bedoeling nader is uiteengezet, verzoek ik U mij de gegevens voor de beant-woording der sub II gestelde vragen, voor zooveel de onder U res-sorteerende diensten en bedrijven betreft, te willen doen toekomen.
* Ik zal het op prijs stellen de gegevens spoedig te mogen ont-vangen.
Br. [handgeschreven]
De Wethouder voor de Financiën,
C. S. Stadhuis,
get. J. Walch Czn.
A'dam, 11-'41.
[Onderaan:]
Model G.A. 5. 25.000-2-'41
[Rechtsonder handgeschreven:] 60 Dit document is een intern administratief schrijven van de Gemeente Amsterdam uit de Tweede Wereldoorlog. De Wethouder voor de Financiën vraagt departementshoofden om informatie aan te leveren voor een enquête van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).
De kern van de aanvraag is de inventarisatie van de financiële gevolgen van maatregelen die "van hoogerhand" zijn uitgevaardigd. De term "hoogerhand" is in deze context een eufemisme voor de Duitse bezetter of de door hen gecontroleerde centrale overheid. Het document toont de bureaucratische processen aan die tijdens de bezetting gewoon doorgingen, waarbij de gemeente trachtte de impact van het nieuwe beleid op de gemeentebegroting in kaart te brengen.
Opvallend is de naam J. Walch Czn. Johannes Walch was een NSB-wethouder die door de bezetter was aangesteld. De handgeschreven notities bovenin wijzen op de interne doorgeleiding naar specifieke ambtenaren (waarschijnlijk bij de Dienst der Markten). In november 1941 was Nederland ruim anderhalf jaar bezet. De autonomie van de Nederlandse gemeenten werd stapsgewijs ingeperkt door de bezettingsautoriteiten. Het zogenaamde 'Besluit betreffende het gemeentebestuur' van augustus 1941 had de rol van de gemeenteraad reeds geëlimineerd en de macht geconcentreerd bij de burgemeester en wethouders, die vaak uit nazi-gezinde kringen werden gerecruteerd.
De financiële druk op gemeenten nam tijdens de oorlog enorm toe door diverse factoren: verplichte bijdragen aan de bezettingskosten, uitgaven voor luchtbescherming, de gevolgen van de Arbeitseinsatz en sociale maatregelen die door de bezetter werden opgelegd. De VNG trachtte door middel van dit soort vragenlijsten een overzicht te krijgen van de collectieve financiële nood van de Nederlandse steden onder de nieuwe politieke constellatie.