Archief 745
Inventaris 745-346
Pagina 182
Dossier 90
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.

31 januari 1941. Van: Onbekend (mogelijk een afdelingshoofd van de Marktdienst, paraaf rechtsboven lijkt op "M. de Boer").

Origineel

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 31 januari 1941. Onbekend (mogelijk een afdelingshoofd van de Marktdienst, paraaf rechtsboven lijkt op "M. de Boer"). [Handgeschreven linksboven: Mali]
D/HG.
[Handgeschreven middenboven: Verzonden 1/2]
[Handgeschreven rechtsboven: M. de Boer]

17/2/2 M.
n diverse
31 Januari 1941.

Toepassing artikel 11c
Reglement op de Markten.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 7
Januari jl. onder No.152 L.M.1939 om advies ontvangen stukken
heb ik de eer U te berichten, dat de plaatsen van de op de bij-
lage van mijn brief van 26 November 1940 No.17/1/11 M. voor-
komende kooplieden: J.W.Groenendijk, M.de Vries, L.Zwaaf,
F.J.Prenger, M.Sierles en J.H.Kampers overeenkomstig het zich
onder de stukken bevindende advies van den Directeur voor
Maatschappelijken Steun zullen worden ingetrokken; dit zal
eveneens geschieden ten aanzien van de plaatsen van S.Bolle
en I.Polak, daar gebleken is, dat deze kooplieden reeds ge-
ruimen tijd geleden uit den steun zijn gegaan; zij zijn ech-
ter niet op de markt teruggekeerd, terwijl zij aan hun ge-
zonden oproepingen geen gevolg hebben gegeven.

[Handgeschreven in linker marge met pijltjes naar namen:]
S. Goedel Mei '41
M. Locher vindt
J v d Kar
P.J. de Vos is v... [onleesbaar]

Omtrent S.Goedel, M.Locher, J.v.d.Kar, P.J.Olsson,
B.H.J.Scherpenzeel, P.J.de Vos, L.Winnik, H.Piller en A.Barm-
hartigheid adviseert voornoemde Directeur, de plaatsen nog
niet in te trekken.

Wat P.J.Olsson, B.H.J.van Scherpenzeel, H.Piller en
A.Barmhartigheid betreft kan ik mij hiermede wel vereenigen.
Olsson werkt momenteel in Duitschland, terwijl de overige 3
kooplieden in de werkverschaffing zijn opgenomen. De plaatsen
van deze kooplieden kunnen dus nog eenigen tijd voor hen wor-
den gereserveerd.

De plaatsen van de overblijvende 5 kooplieden dienen
mijns inziens echter, in afwijking van meergeneemd advies
van mijn Ambtgenoot voor Maatschappelijken Steun thans te
worden ingetrokken. Zooals U bekend is, zal het Reglement op
de Markten ook ten aanzien van de vrijstelling van plaatsbe-
zetten tijdens steun een wijziging ondergaan. De periode van
6 maanden, genoemd in artikel 10 en artikel 11 van dit Regle-
ment zal worden teruggebracht tot 4 maanden in het tijdsver-
loop van een jaar; de marktcommissie kon zich hiermede reeds

[Einde pagina]

--- * Inhoud: De brief behandelt de intrekking van marktvergunningen ("plaatsen") van marktkooplieden die afhankelijk zijn van maatschappelijke steun of langdurig afwezig zijn. De auteur stelt voor om de regels te verscherpen door de maximale periode van afwezigheid wegens steun te verkorten van 6 naar 4 maanden.
* Besluitvorming: Er is een verschil van inzicht tussen de Directeur voor Maatschappelijken Steun (die coulant wil zijn) en de auteur van deze brief (die aandringt op intrekking voor vijf specifieke personen: Goedel, Locher, Van de Kar, De Vos en Winnik).
* Opvallende details:
* P.J. Olsson: Er wordt expliciet vermeld dat hij in Duitsland werkt, wat een reden is om zijn plek te behouden. Dit wijst op arbeidsinzet in nazi-Duitsland.
* Namenlijst: Veel van de genoemde namen (o.a. Zwaaf, Bolle, Polak, Goedel, Winnik, Piller) zijn veelvoorkomend binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam.
* Handgeschreven noten: Deze lijken latere updates of besluiten te zijn bij de namen die in de getypte tekst ter discussie stonden.

--- Dit document stamt uit januari 1941, een kritieke fase in de bezetting van Nederland. Hoewel de brief op het eerste gezicht puur administratief lijkt, moet deze gezien worden in het licht van de beginnende uitsluiting van Joodse Amsterdammers uit het economische leven. Door marktvergunningen in te trekken van mensen die in de "steun" (bijstand) zaten — een groep waarbinnen veel Joodse kooplieden zich bevonden door eerdere beperkende maatregelen — werd hen effectief hun middelen van bestaan ontnomen. Kort na deze brief, in februari 1941, zouden de spanningen in Amsterdam leiden tot de Februari-staking. De genoemde "werkverschaffing" was vaak een voorbode van gedwongen tewerkstelling in werkkampen.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief behandelt de intrekking van marktvergunningen ("plaatsen") van marktkooplieden die afhankelijk zijn van maatschappelijke steun of langdurig afwezig zijn. De auteur stelt voor om de regels te verscherpen door de maximale periode van afwezigheid wegens steun te verkorten van 6 naar 4 maanden.
  • Besluitvorming: Er is een verschil van inzicht tussen de Directeur voor Maatschappelijken Steun (die coulant wil zijn) en de auteur van deze brief (die aandringt op intrekking voor vijf specifieke personen: Goedel, Locher, Van de Kar, De Vos en Winnik).
  • Opvallende details:
    • P.J. Olsson: Er wordt expliciet vermeld dat hij in Duitsland werkt, wat een reden is om zijn plek te behouden. Dit wijst op arbeidsinzet in nazi-Duitsland.
    • Namenlijst: Veel van de genoemde namen (o.a. Zwaaf, Bolle, Polak, Goedel, Winnik, Piller) zijn veelvoorkomend binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam.
    • Handgeschreven noten: Deze lijken latere updates of besluiten te zijn bij de namen die in de getypte tekst ter discussie stonden.

Historische Context

Dit document stamt uit januari 1941, een kritieke fase in de bezetting van Nederland. Hoewel de brief op het eerste gezicht puur administratief lijkt, moet deze gezien worden in het licht van de beginnende uitsluiting van Joodse Amsterdammers uit het economische leven. Door marktvergunningen in te trekken van mensen die in de "steun" (bijstand) zaten — een groep waarbinnen veel Joodse kooplieden zich bevonden door eerdere beperkende maatregelen — werd hen effectief hun middelen van bestaan ontnomen. Kort na deze brief, in februari 1941, zouden de spanningen in Amsterdam leiden tot de Februari-staking. De genoemde "werkverschaffing" was vaak een voorbode van gedwongen tewerkstelling in werkkampen.

Kooplieden in dit dossier 78

A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Hagenaar Zwanenburgwal ziet geen kans momenteel zijn brood op de markt te verdienen
Aäron van Praag Uilenburg blijft voorloopig in steun
Bijdrage voor het luchtbeschermingsongevallenfonds
C. Heilbron meerdere Kan voorloopig plaats niet innemen. Geen handel.
C. Heilbron meerdere Kan voorloopplaats niet innemen. Geen handel. *34 Amb*
C.H. Roelofs Uilenburg idem
C. van Kampen Uilenburg idem
v. Kampen Uilenburg idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem *11/6 - Amb 95*
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Korthoef Uilenburg idem
G.A. Mol Uilenburg idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem *P.D. 35*
G.H. Tap Uilenburg idem
G.H. Tap Uilenburg idem
G.S. Tonglet Waterlooplein idem
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun.
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun. *35 Amb*
H. Schouten Waterlooplein idem
H. Schouten Waterlooplein idem
B.H. Bluhm Uilenburg idem
I.B.H. Bluhm *onb* Uilenburg idem *25/1-68. Wanth. b. 78 I*
J.C. Serrarens Uilenburg idem
J.C. Serrarens Uilenburg idem
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1