Archiefdocument
Origineel
Vermoedelijk begin 1941 (gebaseerd op stempel M.1941) J. Brilleman, Blasiusstraat 66 II, Amsterdam (O) [Bovenaan links in blauw stempel/potlood:] No 18 / 4 / 3
[Bovenaan midden in paars stempel:] M.1941 17/1
[Bovenaan rechts in potlood:] Insp.
Mijnheer
Ondergeteekende verzoekt u beleefd
alsnog in aanmerking te komen
voor vaste plaats in Camperstraat
(Oost), of één der dwarsstraten. Daar
ik door ziekenomstandigheden
niet in de gelegenheid was door
één der Ambtenaren opgeschreven
te worden voor in aanmerking
te komen voor een der plaatsen,
verzoek ik u beleefd
mij alsnog hiervoor in
de gelegenheid te stellen.
Hopende op een gunstig
antwoord verblijf ik
J. Brilleman
Blasiusstraat 66 II
A’ Dam (O)
[Rechtsonder in potlood:] B.l.a. (?) Het betreft een handgeschreven brief in formeel Nederlands ("Ondergeteekende", "verzoekt u beleefd"). De schrijver, J. Brilleman, vraagt om een vaste standplaats voor de markt in de Camperstraat in Amsterdam-Oost. Hij voert als reden voor zijn late aanmelding aan dat hij door ziekte niet aanwezig kon zijn op het moment dat de ambtenaren de aanmeldingen noteerden. De brief is geschreven op gelinieerd papier en bevat diverse administratieve aantekeningen en stempels die duiden op verwerking door een gemeentelijke instantie. Het jaartal 1941 in de stempel is historisch saillant. Nederland was in deze periode bezet door nazi-Duitsland. De Camperstraat en de omliggende Blasiusstraat liggen in Amsterdam-Oost, een buurt met in die tijd een grote Joodse populatie. In de loop van 1941 voerden de bezettingsautoriteiten steeds strengere anti-Joodse maatregelen in, waaronder het verbod voor Joden om op reguliere markten te staan. Er werden specifieke "Joodsche markten" ingesteld (waaronder een in de nabijgelegen Gaaspstraat).
De naam "Brilleman" is een veelvoorkomende naam onder de Joodse bevolking van Amsterdam in die tijd. Het is zeer waarschijnlijk dat dit document deel uitmaakt van een archief over de regulering van markthandel tijdens de bezetting, waarbij de administratie van Joodse marktkramers strikt werd bijgehouden als onderdeel van de uitsluiting en latere deportatie. De vermelding van de Camperstraat is relevant omdat dit een bekende marktlocatie was.
Samenvatting
Het betreft een handgeschreven brief in formeel Nederlands ("Ondergeteekende", "verzoekt u beleefd"). De schrijver, J. Brilleman, vraagt om een vaste standplaats voor de markt in de Camperstraat in Amsterdam-Oost. Hij voert als reden voor zijn late aanmelding aan dat hij door ziekte niet aanwezig kon zijn op het moment dat de ambtenaren de aanmeldingen noteerden. De brief is geschreven op gelinieerd papier en bevat diverse administratieve aantekeningen en stempels die duiden op verwerking door een gemeentelijke instantie.
Historische Context
Het jaartal 1941 in de stempel is historisch saillant. Nederland was in deze periode bezet door nazi-Duitsland. De Camperstraat en de omliggende Blasiusstraat liggen in Amsterdam-Oost, een buurt met in die tijd een grote Joodse populatie. In de loop van 1941 voerden de bezettingsautoriteiten steeds strengere anti-Joodse maatregelen in, waaronder het verbod voor Joden om op reguliere markten te staan. Er werden specifieke "Joodsche markten" ingesteld (waaronder een in de nabijgelegen Gaaspstraat).
De naam "Brilleman" is een veelvoorkomende naam onder de Joodse bevolking van Amsterdam in die tijd. Het is zeer waarschijnlijk dat dit document deel uitmaakt van een archief over de regulering van markthandel tijdens de bezetting, waarbij de administratie van Joodse marktkramers strikt werd bijgehouden als onderdeel van de uitsluiting en latere deportatie. De vermelding van de Camperstraat is relevant omdat dit een bekende marktlocatie was.