Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 11 januari 1941. N. Lijmer, Vrolijkstraat 76 II, Amsterdam. Waarschijnlijk de Marktinspectie of een gemeentelijke instantie belast met marktwezen. № 18/4/2 M. 1941 13/I
Amsterdam 11 Jan: 1941
Ab [paraf] m. Insp.
Ik ondergetekende wou u gaarne s.v.p. gesproken
hebben betreffende de vaste plaatsen nabij
de camperstraat, Herhaaldelijk heb ik steeds
gevraagd om in aanmerking te komen voor een
vaste plaats, daar ik steeds bekeuring op
bekeuring kreeg, en steeds is mij dat afgewezen
Ik was de eerste koopman in de camperstraat
die er met fruit stond.
En nu het er op aan komt voor een vaste
plaats hebben ze allemaal een schrijven ontvangen
behalve ik. Verleden jaar had ik aangevraagd
op de hoek van de Blasiusstr: en toen mij dit
werd afgewezen heb ik een plaats aan de lucht
brug gevraagd en ook dit is mij niet toegestaan
gaarne wou ik als het u gelegen komt daar
omtrent een onderhoud hebben.
Bijvoorbaat mijn dank
N. Lijmer
Vrolijkstraat 76 II
Amsterdam
Voort
Distr. Insp. In deze brief beklaagt Nathan Lijmer, een fruithandelaar uit de Amsterdamse Vrolijkstraat, zich over het feit dat hem herhaaldelijk een vaste standplaatsvergunning wordt geweigerd. Hij voert aan dat hij de eerste was die in de Camperstraat fruit verkocht. Lijmer wijst op een onrechtvaardige situatie: terwijl andere kooplieden wel berichten hebben ontvangen over vaste plaatsen, blijft hij buiten de boot vallen.
Zijn frustratie is groot omdat hij, bij gebrek aan een vaste plek, "bekeuring op bekeuring" krijgt voor het illegaal staan of venten. Hij noemt specifieke locaties zoals de hoek van de Blasiusstraat en een plek nabij de "luchtbrug" (vermoedelijk de spoorbrug over de Rhijnspoorweg/Wibautstraat). Hij verzoekt dringend om een persoonlijk gesprek (onderhoud) om zijn zaak te bepleiten. De datum van de brief, 11 januari 1941, is cruciaal voor het begrijpen van de achtergrond. Nederland is op dat moment ruim een half jaar bezet door nazi-Duitsland. De schrijver, Nathan Lijmer, was een Joodse marktkoopman (geboren in 1898).
In deze periode begonnen de Duitse bezetter en de meewerkende Nederlandse overheid met het systematisch uitsluiten van Joden uit het economische leven. In 1941 werden er steeds strengere beperkingen opgelegd aan Joodse straathandelaren; zij werden vaak geweigerd bij de toewijzing van vergunningen of verbannen naar specifieke "Jodenmarkten".
Hoewel de brief op het eerste gezicht een gewone klacht over een standplaats lijkt, is het zeer waarschijnlijk dat de uitsluiting van Lijmer te maken had met de beginnende Jodenvervolging en de arisering van de Amsterdamse markten. Nathan Lijmer is, blijkens historische bronnen (Joods Monument), in 1942 gedeporteerd en vermoord in Auschwitz. Dit document vormt daarmee een aangrijpend bewijs van een poging om via de officiële weg vast te houden aan een legaal bestaan, vlak voordat de Holocaust de Joodse gemeenschap in Amsterdam volledig zou ontwrichten. N. Lijmer Marktwezen