Archiefdocument
Origineel
11 juli 1938 Burgemeester en Wethouders van Amsterdam den Heer Dr. L. van der Spek, Geneesheer-Directeur van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, Amsterdam [Linksboven, stempel met handgeschreven toevoegingen:]
Nº 20/9/8 M. 1338 ^n/_7
L.M.
413 -1938-.
[Linksboven, handschrift in blauw/zwart:]
Gezien
[Paraaf]
de Maas [?]
[Rechtsboven, handschrift:]
Marktw.
[Rechtsboven, getypt:]
// Juli 1938.
[Hoofdtekst, getypt:]
Naar aanleiding van Uw schrijven van 10 Mei j.l. be-
richten wij U, dat de daarin geuite klacht onze volle aan-
dacht heeft. In verband echter met het feit, dat de moeilijk-
heden verbonden aan het venten in drukke straten en in de
buurt van ziekenhuizen en andere instellingen op het oogen-
blik het onderwerp van uitgebreid onderzoek vormen, kan het
nog wel eenige tijd duren alvorens de door U bedoelde zaak
definitief geregeld is. Ondertusschen zal echter van over-
heidswege zorg worden gedragen, dat het Onze Lieve Vrouwe
Gasthuis zoo weinig mogelijk overlast van de straatventers
ondervindt.
ES.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
(get.) [Handtekening: Kropman] Weth.
de Secretaris,
(get.) VAN LIER.
[Onderaan, getypt met handgeschreven correctie:]
den Heer Dr. L. v. ander .Spek
Geneesheer-Directeur van het
Onze Lieve Vrouwe Gasthuis
A_l_h_i_e_r(O). Dit document is een officiële reactie van het Amsterdamse gemeentebestuur op een klacht van Dr. L. van der Spek, de directeur van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG). De klacht, ingediend in mei 1938, betrof de overlast veroorzaakt door straatventers in de nabijheid van het ziekenhuis.
In de brief erkent de gemeente het probleem, maar geeft zij aan dat er nog geen definitieve oplossing is omdat de regelgeving omtrent straathandel bij ziekenhuizen en in drukke straten momenteel onderwerp is van een "uitgebreid onderzoek". Als tussenoplossing zegt de gemeente toe dat de overheid er extra op zal toezien dat de overlast voor het ziekenhuis tot een minimum beperkt blijft in afwachting van nieuwe regels. * Tijdsbeeld: In de jaren '30 was straathandel een zeer algemeen verschijnsel in Amsterdam, maar het leidde vaak tot conflicten over openbare orde, doorstroming van het verkeer en geluidsoverlast, zeker bij zorginstellingen waar rust essentieel was.
* Betrokken personen: De brief is ondertekend door wethouder W. Kropman (namens het college van B&W) en gemeentesecretaris M.J. van Lier. Kropman was een prominent katholiek politicus in Amsterdam.
* Locatie: Het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) bevond zich destijds (en nu nog steeds) aan het Oosterpark, een gebied dat in die tijd te maken had met toenemende drukte en bedrijvigheid.
* Administratieve sporen: De aantekening "Marktw." (Marktwezen) rechtsboven geeft aan dat het dossier werd gedeeld met de dienst die verantwoordelijk was voor het marktwezen en de straathandel in de stad. De handgeschreven correctie "ander" boven "v.d." in de adressering dient om de naam van de directeur correct te spellen als "Van der Spek".