Archief 745
Inventaris 745-346
Pagina 539
Dossier 55
Jaar 1941
Stadsarchief

Officiële ambtelijke brief van de Gemeente Amsterdam.

19 december 1939. Van: De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen. Aan: De Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam.

Origineel

Officiële ambtelijke brief van de Gemeente Amsterdam. 19 december 1939. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen. De Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. GEMEENTE AMSTERDAM

AMSTERDAM, 19 December 1939.

AFD. L.M.
No. 413 1938.

BIJLAGEN
№ 18/45/4 M. 1939 20/12 [stempel met handgeschreven toevoeging]

MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD
NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING
VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.

In antwoord op Uw schrijven d.d. 1 December 1939, No. 18/45/3 M, deel ik U mede, dat hoewel ik het goed kan vinden, dat U in overleg met den Hoofdcommissaris van Politie mij een uitgewerkt voorstel doet, omtrent de aan belanghebbenden te verleenen standplaatsvergunningen bij eventueele uitvaardiging van een ventverbod in de Camperstraat en onmiddellijke omgeving, ik mijn uiteindelijk oordeel voorbehoud.

v.d.B.
h

De Wethouder voor de Levensmiddelen,
Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen,

[Handtekening]

Aan
den Heer Directeur
van het Marktwezen.

Model G.A. 7
25.000—1—’39

[Rechtsonder handgeschreven paginanummer:] 18 * Onderwerp: De regulering van straathandel (venten) in de Camperstraat en omgeving in Amsterdam-Oost.
* Kernboodschap: De wethouder reageert op een voorstel van de Directeur van het Marktwezen. Hoewel de wethouder het positief vindt dat er overleg is gepleegd met de politie over vervangende standplaatsvergunningen, weigert hij op dit moment nog een definitief besluit te nemen ("ik mijn uiteindelijk oordeel voorbehoud").
* Bestuurlijke context: Het document toont de ambtelijke hiërarchie en de noodzaak van afstemming tussen verschillende diensten (Marktwezen, Politie en het College van B. en W.) bij het beperken van de vrije handel in de openbare ruimte. Een "ventverbod" was vaak een ingrijpende maatregel voor lokale kooplieden.
* Terminologie: "Ventverbod" verwijst naar het verbod om goederen op straat aan te bieden (huis-aan-huis of op de openbare weg) zonder vaste standplaats. Dit schrijven dateert van december 1939, enkele maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was. De Camperstraat ligt in de Oosterparkbuurt, een wijk die in die tijd zeer dichtbevolkt was en waar veel straathandel plaatsvond.

De wethouder die de brief ondertekent is verantwoordelijk voor de portefeuille "Levensmiddelen". In deze periode was dit een cruciale post vanwege de beginnende schaarste en de voorbereidingen op distributie. De voorzichtige toon van de wethouder ("oordeel voorbehoud") kan wijzen op politieke gevoeligheid rondom de sociaaleconomische positie van de straatverkopers in de buurt, van wie een aanzienlijk deel destijds van Joodse afkomst was. Het reguleren of verbieden van de straathandel had direct invloed op de bestaanszekerheid van deze groepen.

Samenvatting

  • Onderwerp: De regulering van straathandel (venten) in de Camperstraat en omgeving in Amsterdam-Oost.
  • Kernboodschap: De wethouder reageert op een voorstel van de Directeur van het Marktwezen. Hoewel de wethouder het positief vindt dat er overleg is gepleegd met de politie over vervangende standplaatsvergunningen, weigert hij op dit moment nog een definitief besluit te nemen ("ik mijn uiteindelijk oordeel voorbehoud").
  • Bestuurlijke context: Het document toont de ambtelijke hiërarchie en de noodzaak van afstemming tussen verschillende diensten (Marktwezen, Politie en het College van B. en W.) bij het beperken van de vrije handel in de openbare ruimte. Een "ventverbod" was vaak een ingrijpende maatregel voor lokale kooplieden.
  • Terminologie: "Ventverbod" verwijst naar het verbod om goederen op straat aan te bieden (huis-aan-huis of op de openbare weg) zonder vaste standplaats.

Historische Context

Dit schrijven dateert van december 1939, enkele maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was. De Camperstraat ligt in de Oosterparkbuurt, een wijk die in die tijd zeer dichtbevolkt was en waar veel straathandel plaatsvond.

De wethouder die de brief ondertekent is verantwoordelijk voor de portefeuille "Levensmiddelen". In deze periode was dit een cruciale post vanwege de beginnende schaarste en de voorbereidingen op distributie. De voorzichtige toon van de wethouder ("oordeel voorbehoud") kan wijzen op politieke gevoeligheid rondom de sociaaleconomische positie van de straatverkopers in de buurt, van wie een aanzienlijk deel destijds van Joodse afkomst was. Het reguleren of verbieden van de straathandel had direct invloed op de bestaanszekerheid van deze groepen.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 78

A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Bouwmeester Uilenburg idem
A. Hagenaar Zwanenburgwal ziet geen kans momenteel zijn brood op de markt te verdienen
Aäron van Praag Uilenburg blijft voorloopig in steun
Bijdrage voor het luchtbeschermingsongevallenfonds
C. Heilbron meerdere Kan voorloopig plaats niet innemen. Geen handel.
C. Heilbron meerdere Kan voorloopplaats niet innemen. Geen handel. *34 Amb*
C.H. Roelofs Uilenburg idem
C. van Kampen Uilenburg idem
v. Kampen Uilenburg idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem
D.A. Overmars Waterlooplein idem *11/6 - Amb 95*
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Gokkes Uilenburg idem
E. Korthoef Uilenburg idem
G.A. Mol Uilenburg idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem
G.C. Borgman Nieuwmarkt idem *P.D. 35*
G.H. Tap Uilenburg idem
G.H. Tap Uilenburg idem
G.S. Tonglet Waterlooplein idem
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun.
H.H. Passchier meerdere Blijft in steun. *35 Amb*
H. Schouten Waterlooplein idem
H. Schouten Waterlooplein idem
B.H. Bluhm Uilenburg idem
I.B.H. Bluhm *onb* Uilenburg idem *25/1-68. Wanth. b. 78 I*
J.C. Serrarens Uilenburg idem
J.C. Serrarens Uilenburg idem
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1