Archief 745
Inventaris 745-350
Pagina 171
Dossier 24
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag op dun papier).

29 september 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (doorslag op dun papier). 29 september 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). [Handgeschreven, paarse inkt:] Verzonden 29/9
[Handgeschreven, blauwe inkt:] M. de Boer
[Getypt:] HG.

den Heer L. Halberstadt,
Van Woustraat 53 I,
Amsterdam-Zuid.

Wijk 17.

25/116/2 M.
29 September 1941.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 6 September jl. verleen ik
U hierbij gedurende drie maanden na dato dezes uitstel van Uw ver-
plichting om regelmatig Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat te
bezetten.

U dient er echter voor te zorgen, dat het ook tijdens Uw af-
wezigheid verschuldigde marktgeld geregeld wekelijks bij den dienst-
doenden marktambtenaar wordt betaald.

De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele toekenning van een verzoek om tijdelijke ontheffing. De heer Halberstadt krijgt drie maanden uitstel van de plicht om zijn marktplaats op de Albert Cuypmarkt persoonlijk te bezetten.
* Voorwaarde: Hoewel hij niet aanwezig hoeft te zijn, blijft de verplichting bestaan om het wekelijkse marktgeld te betalen aan de dienstdoende ambtenaar.
* Toon: De toon is strikt zakelijk en bureaucratisch, typerend voor gemeentelijke correspondentie uit die periode.
* Administratie: De handgeschreven aantekening "Verzonden 29/9" bevestigt dat de brief op de dag van datering is verwerkt. "Wijk 17" verwijst naar de administratieve indeling van de markten in Amsterdam. * Tijdsperk: Het document dateert van september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
* Joodse marktkooplieden: De geadresseerde, L. (Leo) Halberstadt, was een Joodse marktkoopman. In deze periode namen de anti-Joodse maatregelen in Amsterdam snel toe. Sinds september 1941 werden Joden steeds meer geïsoleerd; zo werden er specifieke "Jodenmarkten" ingesteld en mochten Joden op de reguliere markten (zoals de Albert Cuyp) alleen nog op bepaalde tijden en onder strikte voorwaarden handelen.
* Betekenis: Verzoeken voor "uitstel van bezetting" werden in deze tijd vaak gedaan door Joodse handelaren die door de beperkende maatregelen, ziekte, of dreiging van tewerkstelling/deportatie hun nering niet meer normaal konden uitoefenen. De eis dat het marktgeld doorbetaald moest worden, toont de onverbiddelijke bureaucratie van de bezettingsjaren: men mocht wegblijven, maar de financiële afdracht aan de stad moest doorgaan.
* Persoonlijke context: Uit archiefstukken (zoals die van het Stadsarchief Amsterdam en de Joodse Raad) blijkt dat Leo Halberstadt de oorlog heeft overleefd, ondanks de vervolging die kort na deze brief in alle hevigheid losbarstte. Halberstadt krijgt (De heer) L. Halberstadt M. de Boer

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een formele toekenning van een verzoek om tijdelijke ontheffing. De heer Halberstadt krijgt drie maanden uitstel van de plicht om zijn marktplaats op de Albert Cuypmarkt persoonlijk te bezetten.
  • Voorwaarde: Hoewel hij niet aanwezig hoeft te zijn, blijft de verplichting bestaan om het wekelijkse marktgeld te betalen aan de dienstdoende ambtenaar.
  • Toon: De toon is strikt zakelijk en bureaucratisch, typerend voor gemeentelijke correspondentie uit die periode.
  • Administratie: De handgeschreven aantekening "Verzonden 29/9" bevestigt dat de brief op de dag van datering is verwerkt. "Wijk 17" verwijst naar de administratieve indeling van de markten in Amsterdam.

Historische Context

  • Tijdsperk: Het document dateert van september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
  • Joodse marktkooplieden: De geadresseerde, L. (Leo) Halberstadt, was een Joodse marktkoopman. In deze periode namen de anti-Joodse maatregelen in Amsterdam snel toe. Sinds september 1941 werden Joden steeds meer geïsoleerd; zo werden er specifieke "Jodenmarkten" ingesteld en mochten Joden op de reguliere markten (zoals de Albert Cuyp) alleen nog op bepaalde tijden en onder strikte voorwaarden handelen.
  • Betekenis: Verzoeken voor "uitstel van bezetting" werden in deze tijd vaak gedaan door Joodse handelaren die door de beperkende maatregelen, ziekte, of dreiging van tewerkstelling/deportatie hun nering niet meer normaal konden uitoefenen. De eis dat het marktgeld doorbetaald moest worden, toont de onverbiddelijke bureaucratie van de bezettingsjaren: men mocht wegblijven, maar de financiële afdracht aan de stad moest doorgaan.
  • Persoonlijke context: Uit archiefstukken (zoals die van het Stadsarchief Amsterdam en de Joodse Raad) blijkt dat Leo Halberstadt de oorlog heeft overleefd, ondanks de vervolging die kort na deze brief in alle hevigheid losbarstte.

Genoemde Personen 3

Halberstadt krijgt (De heer) L. Halberstadt M. de Boer

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6