Archief 745
Inventaris 745-353
Pagina 130
Dossier 55
Jaar 1941
Stadsarchief

Officiële zakelijke correspondentie (brief).

20 januari 1941. Van: Directie van het Marktwezen, Amsterdam-West. Aan: De heer F. Draaisma, Centrale Markt H 26, Amsterdam-West. Dossier: 37/317

Origineel

Officiële zakelijke correspondentie (brief). 20 januari 1941. Directie van het Marktwezen, Amsterdam-West. De heer F. Draaisma, Centrale Markt H 26, Amsterdam-West. [Handgeschreven, bovenaan:]
Verzonden 20/1-'41.

DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.

Amsterdam-West, 20 Januari 1941.
Jan van Galenstraat 14.

No. 37/317 M.

Aan
den Heer F. Draaisma,
Centrale Markt H 26,
Amsterdam-West.

In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.

Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz., voor Uw rekening zijn.

Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeven of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.

De Directeur, * Doel van de brief: De brief dient als geleidebrief bij de toezending van een officieel huurcontract voor een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam.
* Inhoudelijke kernpunten:
1. Bevestiging huur: De heer Draaisma huurt een "pakhuisafdeeling".
2. Onderhoudsplicht: De directeur wijst de huurder expliciet op Artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek (zoals dat toen gold). Kleine herstellingen en dagelijks onderhoud (zoals ruiten en sloten) zijn voor rekening van de huurder.
3. Reclameregels: Er geldt een strikt verbod op het ongeoorloofd plaatsen van reclameborden of aanduidingen op het pand zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de directie.
* Taalgebruik: Formeel en ambtelijk taalgebruik, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw (bijv. "In bijlage dezes", "reparatiën", "vóóraf met mij te verstaan"). Dit document stamt uit januari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de brief een louter administratief en civielrechtelijk karakter heeft (beheer van marktwezen), valt op dat de reguliere ambtelijke gang van zaken in Amsterdam in die periode gewoon doorging.

De locatie, Jan van Galenstraat 14, was het hoofdkantoor van de Centrale Markthallen (tegenwoordig het Food Center Amsterdam). De heer F. Draaisma was vermoedelijk een handelaar of grossier die een opslagruimte (pakhuis H 26) nodig had voor zijn handelswaar op de markt. Het feit dat de brief specifiek hamert op onderhoud en reclame-uitingen wijst op een streng gereguleerd beheer van de gemeentelijke marktgebouwen. Draaisma huurt (De heer) F. Draaisma Marktwezen

Samenvatting

  • Doel van de brief: De brief dient als geleidebrief bij de toezending van een officieel huurcontract voor een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam.
  • Inhoudelijke kernpunten:
    1. Bevestiging huur: De heer Draaisma huurt een "pakhuisafdeeling".
    2. Onderhoudsplicht: De directeur wijst de huurder expliciet op Artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek (zoals dat toen gold). Kleine herstellingen en dagelijks onderhoud (zoals ruiten en sloten) zijn voor rekening van de huurder.
    3. Reclameregels: Er geldt een strikt verbod op het ongeoorloofd plaatsen van reclameborden of aanduidingen op het pand zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de directie.
  • Taalgebruik: Formeel en ambtelijk taalgebruik, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw (bijv. "In bijlage dezes", "reparatiën", "vóóraf met mij te verstaan").

Historische Context

Dit document stamt uit januari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de brief een louter administratief en civielrechtelijk karakter heeft (beheer van marktwezen), valt op dat de reguliere ambtelijke gang van zaken in Amsterdam in die periode gewoon doorging.

De locatie, Jan van Galenstraat 14, was het hoofdkantoor van de Centrale Markthallen (tegenwoordig het Food Center Amsterdam). De heer F. Draaisma was vermoedelijk een handelaar of grossier die een opslagruimte (pakhuis H 26) nodig had voor zijn handelswaar op de markt. Het feit dat de brief specifiek hamert op onderhoud en reclame-uitingen wijst op een streng gereguleerd beheer van de gemeentelijke marktgebouwen.

Genoemde Personen 2

Draaisma huurt (De heer) F. Draaisma

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 5

P.J. de Meer ja 20/7 '40 f 59.-
J.A. Burgers ja per 26/11 40 f 57=
J. Brockhoff ja geen schuld
N.A. Steenvoorden ja f 90.-

Gerelateerde Documenten 6