Administratief rapport / Statistisch overzicht.
Origineel
Administratief rapport / Statistisch overzicht. Ongegedateerd (vermoedelijk begin 1941). Scheiding Joodsch- en niet-Joodsch element op de Centrale Markt.
Het aantal Joodsche en niet-Joodsche grossiers (c.q. firma's) is als volgt:
| Joodsche | niet-Joodsche | |
|---|---|---|
| Groenten en fruit. | ||
| In pakhuizen buiten de hal | 19 | 68 |
| id. in de hal | 6 | 15 |
| In nissen id. | 1 | 2 |
| Op plaatsen id. | 22 | 25 |
| Id. open lucht | 2 | 13 |
| --- | --- | |
| 50 | 123 |
Aardappelen.
In pakhuizen [stempel/teken: ∠] 17
Plaatsen open lucht 6
23
('s Zomers wordt nog een klein aantal plaatsen bezet gedurende enkele maanden).
Bovendien op de markt nog 330 tuinders (waarvan 70 in de hal staan). Deze zijn alle niet-Joden. Deze verkoopen uitsluitend versche groenten uit eigen kweekerij.
Bloemen.
Op de Centrale Markt wordt 3 x per week bloemenmarkt gehouden; deze is alleen 's zomers van eenige beteekenis; er staan alsdan 15 à 20 grossiers, alle niet-Joden.
Op de Centrale Markt is nog gevestigd een kleinhandelsveiling welke aardappelen, groenten, fruit, bloemen en potplanten veilt. Veiling heeft een niet-Joodsche directie.
Totaal aantal verkoopers op Centrale Markt (met inbegrip van veiling en tuinders):
Joodsche rond 50
niet-Joodsche rond 500
De koopers op de Centrale Markt zijn als volgt te verdeelen.
| Joodsche | niet-Joodsche | |
|---|---|---|
| Groenten, fruit en aardappelen | 392 | 1.745 |
| Bloemen | 98 | 257 |
[teken: ∠] (w.o. een Joodsche firmant) Dit document is een kil, bureaucratisch overzicht van de etnische samenstelling van de economische activiteit op een centrale handelsplaats. De focus ligt volledig op het maken van een onderscheid tussen "Joodsche" en "niet-Joodsche" elementen.
Opvallende punten:
1. Systematiek: De markt wordt tot in detail uitgekamd: van pakhuizen en nissen tot de open lucht. Niets ontsnapt aan de inventarisatie.
2. Kwantitatieve verhouding: Uit de cijfers blijkt dat Joodse ondernemers een aanzienlijk deel van de groenten- en fruithandel in handen hadden (circa 30% van de grossiers), maar dat de tuinders en de aardappelhandel nagenoeg volledig "niet-Joodsch" waren.
3. Kopers: Ook de klandizie wordt gecategoriseerd, wat aangeeft dat de controle zich niet beperkte tot de standhouders, maar zich uitstrekte over de gehele economische keten.
4. Uitzondering: Onderaan wordt met een symbool (∠) genoteerd dat er bij de aardappelhandelaren toch één Joodse firmant betrokken is. Dit getuigt van een obsessieve drang naar precisie in de registratie. Dit document moet worden geplaatst in de context van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In de loop van 1940 en 1941 voerde de bezetter, vaak met medewerking van het Nederlandse ambtenarenapparaat, een beleid van economische isolatie van de Joodse bevolking.
- Centrale Markt: Dit betreft zeer waarschijnlijk de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam. Dit was het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad.
- Doel: Dergelijke lijsten waren de noodzakelijke voorbereiding op de "Arisering": het onteigenen van Joodse bedrijven of het volledig verbieden van Joodse aanwezigheid op openbare markten (zoals uiteindelijk gebeurde in september 1941, toen Joden de toegang tot de Markthallen werd ontzegd).
- Tijdsgeest: De zakelijke, neutrale toon van het document maskeert de gewelddadige realiteit van de uitsluiting en de aanstaande vernietiging van de Joodse economische en sociale positie in Nederland.