Dienstbrief (officiële correspondentie).
Origineel
Dienstbrief (officiële correspondentie). 18 april 1941. Dienst der Publieke Werken Amsterdam, Bureau Stadsingenieur. Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam (W). [Briefhoofd links]
DIENST DER PUBLIEKE WERKEN
AMSTERDAM
RAADHUIS, KAMER 198
Bureau Stadsingenieur.
[Stempel links]
N° 37/19/8 M. 1941 [handgeschreven: 19/4]
[Briefhoofd rechts]
S.I. 2463/111 F I
AMSTERDAM, 18 April 1941
[Adressering]
Aan den Heer Directeur van het Marktwezen, ,
Jan van Galenstraat 14,
A m s t e r d a m (W).
[Handgeschreven aantekening in de marge]
mr. Th. Broerse
[Inhoud]
Ten vervolge op mijn schrijven van 15 April 1941 S.I. 2414/111 F II bericht ik U, dat een aanvrage voor het betrekken van samengeperst lichtgas binnengekomen is van de Fa. L. Hoogesteger, Adm. de Ruyterweg 476, alhier. Deze firma heeft eveneens een groothandel in aardappelen. Inzake deze aanvrage is door den Heer Broerse van Uw Dienst reeds ondershands een gunstig advies gegeven, op grond waarvan de gevraagde toestemming aan de firma is verleend.
Voor de goede orde zie ik gaarne alsnog een schriftelijke bevestiging, dat U hiermede instemt, tegemoet.
P
[Ondertekening]
De Stadsingenieur,
f Voorzitter Kleine Benzinecommissie,
[handtekening] * Administratieve context: De brief dient als officiële vastlegging van een eerder mondeling ("ondershands") gegeven advies door een medewerker van het Marktwezen (de heer Broerse). Het betreft de goedkeuring voor het gebruik van alternatieve brandstof door een privaat bedrijf.
* Technisch aspect: Er wordt gesproken over "samengeperst lichtgas". In de vroege oorlogsjaren werd lichtgas (geproduceerd uit kolen) als substituut voor benzine gebruikt. Dit werd vaak in grote cilinders op voertuigen gemonteerd.
* Betrokken partijen:
* Fa. L. Hoogesteger: Een aardappelgroothandel gevestigd aan de Admiraal de Ruyterweg.
* Kleine Benzinecommissie: Een commissie die waarschijnlijk belast was met de distributie en regulering van schaarse brandstoffen tijdens de bezetting.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands ("Ten vervolge op mijn schrijven", "alhier", "ondershands"). Dit document stamt uit april 1941, bijna een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de schaarste aan vloeibare brandstoffen (benzine en diesel) voor civiel gebruik drastisch toe, omdat de bezetter deze claimde voor de oorlogsvoering.
Om de voedselvoorziening (zoals de aardappelhandel van Fa. Hoogesteger) in stand te houden, moesten bedrijven overschakelen op alternatieven. Lichtgas was een van de eerste alternatieven voordat de beruchte houtgasgeneratoren op grote schaal hun intrede deden. De brief illustreert de bureaucratische controle op brandstofgebruik via de "Kleine Benzinecommissie" binnen de Amsterdamse gemeentelijke diensten. De heer Broerse, wiens naam handgeschreven in de marge staat, was blijkbaar de sleutelfiguur die de praktische haalbaarheid van dergelijke aanvragen voor het Marktwezen beoordeelde.