Proces-verbaal / Rapport van onderzoek.
Origineel
Proces-verbaal / Rapport van onderzoek. 2 mei 1941. No 37/39/1 M. 1941 5/5
R A P P O R T
Op 30 April 1941, omstreeks 11.30 uur v.m. heeft Th.Kint, die als personeel werkzaam is bij zijn broer, kooper E.D.Kint en voor dezen de zaken waarneemt in de emballageloods van de Ned:Veiling, met goedvinden van het personeel, aldaar 17 mud Red-Star aardappelen opgeslagen en daar de volgende dag weer vandaan gehaald. Vijf mud van deze partij waren bestemd voor kooper Oijevaar voor wien Kint de aardappelen zou vervoeren. Toen Kint en Oijevaar op den 1e Mei j.l., nadat zij de aardappelen in hun zaken hadden gelost, nawogen, bleek dat elke zak in plaats van 35 K.G. veel minder aardappelen bevatten, varrieerende van 10 tot 1 K.G. Naar aanleidng hiervan heb ik, rapporteur een onderzoek ingesteld waarbij mij het volgende is gebleken. De aardappelen waren door Kint opgeslagen in een gedeelte van de emballageloods hetwelk afzonderlijk door personeel van de Veiling wordt afgesloten na het beëindigen van den dienst en waar behoudens een uitzondering alleen het personeel van de Veiling toegang heeft. In dit gedeelte bevond zich, verborgen achter een stapel kisten, een zak inhoudende ongeveer 25 K.G. aardappelen van het soort Red-Star. Niemand van het Veilingpersoneel dat dienst doet in de emballageloods kon mij verklaren hoe deze zak met aardappelen daar gekomen was of van wie zij behoorde. Evenmin is mij bij onderzoek kunnen blijken wie van de besproken partij aardappelen uit elke zak een gedeelte heeft weg-kunnen nemen. Ook hiervan verklaarde het personeel van de Veiling niets te weten. Op grond van deze verklaringen zou dan aangenomen moeten worden, dat de zakken het vereischte gewicht niet hebben gehad toen Kint de aardappelen ontving of er moet uit de zakken zijn weggenomen nadat het personeel van de Veiling vertrokken was, door iemand die zich op den een of anderen manier toegang heeft weten te verschaffen tot genoemde opslagruimte. Er zij echter opgemerkt, dat deze ruimte savonds door genoemd personeel gesloten wordt, terwijl van het verbreken van het slot of iets dergelijks niets is gebleken. Waar Kint mij van dit geval eerst heden morgen op de hoogte stelde leverde een onderzoek geen resultaat op. De zak met aardappelen welke ik in de opslagruimte van de emballageloods heb aangetroffen, doch waarvan geen eigenaar bekend is, heb ik voorloopig in beslag genomen.
A. Dam. 2 Mei 1941.
Den Heer Bedrijfschef.
[Onderschrift/handtekening] Dit rapport beschrijft een incident waarbij een partij aardappelen ("Red-Star") in gewicht was afgenomen tijdens opslag in een loods van de veiling. De kern van de zaak is een vermoeden van diefstal: de zakken wogen bij aflevering aanzienlijk minder dan de beoogde 35 kg. De rapporteur (A. Dam) constateert dat de opslagruimte goed afgesloten was en dat er geen sporen van braak zijn gevonden. Wel werd er een "verborgen" zak van 25 kg aardappelen gevonden, waarvan niemand de herkomst kon verklaren. De rapporteur concludeert dat de aardappelen óf al te licht waren bij aankomst, óf dat iemand zich ongezien toegang heeft verschaft tot de afgesloten ruimte. Het document dateert van mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode werd voedselvoorziening steeds schaarser en strenger gereguleerd via distributiesystemen. Aardappelen waren een essentieel basisvoedsel. Diefstal of "verdwijning" van landbouwproducten bij veilingen was een serieus vergrijp, omdat het de officiële voedselketen ondermijnde. De vermelding van "mud" (een oude inhoudsmaat, in deze context vaak gelijkgesteld aan circa 70 kg of 100 liter) en de specifieke gewichten in kilogrammen getuigen van de nauwkeurige controle die in deze tijd op goederenstromen werd uitgeoefend. De "Ned: Veiling" verwijst naar de lokale groente- of fruitveiling waar dergelijke goederen werden verhandeld en opgeslagen.