Besluit (uittreksel/extract) van het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) van Amsterdam.
Origineel
Besluit (uittreksel/extract) van het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) van Amsterdam. 15 december 1939. [Links boven, handgeschreven/stempel:]
№ 20/43/3 M. 1939 20/12
[Rechts boven, handgeschreven:]
Marktw.
No. 854 L.M.1939. Aanwijzing tijdelijke hulpmarkten.
E x t r a c t
[Handgeschreven in linker marge:]
2e en Afd. III
Besteld bij Fa. Müller
Raadhuis 28/11-'39
de Maar [?]
[Handgeschreven in rechter marge:]
h.v.d.L - 25
Groep.
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Vrijdag, 15 December 1939.
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch-
en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit
genomen:
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam;
Gezien het rapport van den Directeur van het Marktwezen, d.d.
3 November 1939, No.20/43/1 M (No.854 L.M.);
Gelet op het schrijven van den Hoofdcommissaris van Politie d.d.
7 December 1939, Ir.S.No.19399, Doss. M.2e groep A, No.1482e A.Z.
1939 (No.854 L.M.1939);
Voorts gelet op art.7, lid 2 van de Verordening op den Dienst
van het Marktwezen;
B e s l u i t e n :
- met ingang van 1 Januari 1940 voor den tijd van ten hoogste één jaar
aan te wijzen als tijdelijke hulpmarkt van de algemeene dagmarkt:
A: I. uitsluitend voor den Zaterdag, de Noordermarkt, onder bepaling,
dat het hoofdgedeelte van deze markt, behalve door de Noorderkerk,
begrensd zal worden door de lijnen, getrokken in de verlengden van
den Noordelijken en den Westelijken gevel dier kerk, door de lijnen
getrokken in het verlengde van den rand van het verhoogde voetpad
aan de Noordzijde van de Westerstraat en door den rand (aan de
marktzijde) van de klinkerbestrating van den openbaren weg langs de
Prinsengracht; het overige gedeelte van het marktterrein der Noor-
dermarkt wordt gevormd door een langs de Prinsengracht, ter hoogte
van die markt gelegen strook, breed 3 meter, gemeten uit den wal;
[Rechts onder, handgeschreven:]
20 Dit document is een officieel extract van een gemeenteraadsbesluit van Amsterdam uit december 1939. De kern van het besluit is de formele aanwijzing van de Noordermarkt als een tijdelijke hulpmarkt. Deze status is specifiek bedoeld voor de zaterdagen en heeft een looptijd van maximaal één jaar, ingaande op 1 januari 1940.
Interessant is de zeer precieze geografische afbakening van het marktterrein. Er wordt gebruikgemaakt van de architectonische lijnen van de Noorderkerk (verlengden van de noordelijke en westelijke gevels), de stoeprand van de Westerstraat en de bestrating langs de Prinsengracht om de grenzen van de markt juridisch vast te leggen. Ook wordt een specifieke strook van 3 meter breed langs de kade van de Prinsengracht aan het terrein toegevoegd.
Het procesverloop toont aan dat dit besluit zorgvuldig is voorbereid door middel van overleg tussen de Wethouder van Levensmiddelen, de Directeur van het Marktwezen en de Hoofdcommissaris van Politie, wat wijst op de logistieke en handhavingsaspecten die bij de organisatie van markten kwamen kijken. Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het weerspiegelt de normale bureaucratische gang van zaken in een grote gemeente als Amsterdam tijdens het interbellum en de vroege oorlogsmaanden (de 'Schemeroorlog'). De Noordermarkt is historisch gezien een van de belangrijkste marktlocaties in de Jordaan.
De noodzaak voor een 'hulpmarkt' suggereert een grote behoefte aan verkoopruimte voor goederen, mogelijk door bevolkingsgroei of verschuivingen in de logistiek van de voedselvoorziening in de stad. De specifieke benaming van de wethouder (Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen) geeft een tijdsbeeld van de toenmalige verdeling van gemeentelijke taken, waarbij hygiëne en basisbehoeften nauw aan elkaar gekoppeld waren. De handgeschreven aantekeningen wijzen op de administratieve verwerking van het besluit binnen de gemeentelijke afdelingen en mogelijk een bestelling bij een drukkerij (Fa. Müller) voor publicatie.