Archiefdocument
Origineel
13 maart 1939 13 Maart 1939.
Aan den Heer Inspecteur
v/h. Marktwezen.
Alhier.
Bij deze, geef ik U de toestand weer, zooals die op het oogenblik
aan de brandstoffenmarkt, de Houtkoopersburgwal is.
De kolenfirma J. v. Breemen is gevestigd in een perceel gelegen
aan de Joden Houttuinen 69. de achterzijde van dit perceel
komt uit op het water van bovengenoemde markt. Dit is
het gedeelte tusschen Markenplein en Markensteeg, waar
de kolenvaartuigen gemeerd liggen. Het lossen van deze
vaartuigen gaat door het pakhuis heen, ook heeft v. Breemen
aan de andere kant, naast de brug voor de Markensteeg, een
paar onderstukken in gebruik waar ook wel vaartuigen gemeerd
liggen. Het lossen gaat daar over een steiger die langs de
onderstukken loopt en met een trap op den openbarenweg de
Markensteeg uitkomt. Volgens mededeeling van J. v. Breemen
is het nog niet bekend wanneer er verandering in de
bestaande toestand komt, want de perceelen tusschen
Markensteeg en Markenplein, waaronder ook zijn pakhuis,
zijn nog niet door de Gemeente gekocht er is zelfs
nog niet over gesproken. Mocht het gebeuren dat hij alvast
een ander pakhuis kan huren of koopen dan gaan ook de vaartuigen
z.o.z. * Inhoud: De brief dient als een feitelijke weergave van de logistieke situatie van een specifieke kolenhandelaar in de Amsterdamse Jodenbuurt. De schrijver beschrijft hoe de firma J. v. Breemen gebruikmaakt van pakhuizen en de waterkant tussen het Markenplein en de Markensteeg voor het lossen van kolenvaartuigen.
* Logistiek: Er is sprake van een efficiënte inrichting waarbij het lossen "door het pakhuis heen" gebeurt of via een steiger die direct op de openbare weg (Markensteeg) uitkomt.
* Stadsontwikkeling: Het document hint naar aanstaande veranderingen in het gebied. De eigenaar van de firma is onzeker over de toekomst omdat de gemeente de panden nog niet heeft aangekocht. Dit wijst op vroege plannen voor herstructurering van dit deel van de stad.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in de toen gangbare formele spelling (bijv. "oogenblik", "zooals", "perceelen"). Dit document stamt uit maart 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en de daaropvolgende bezetting van Nederland. De genoemde locaties — Joden Houttuinen, Markenplein en Markensteeg — vormden de kern van de Joodse buurt in Amsterdam.
Na de oorlog is dit gebied onherkenbaar veranderd. De grootschalige sanering van de buurt, de bouw van de IJ-tunnel en later de aanleg van de metro zorgden ervoor dat veel van de oorspronkelijke bebouwing en de kleinschalige bedrijvigheid aan het water, zoals hier beschreven, zijn verdwenen. De brief biedt zodoende een unieke inkijk in de sociaal-economische en geografische realiteit van de Jodenbuurt vlak voor de grote vernietiging.