Ingekomen brief (handschrift).
Origineel
Ingekomen brief (handschrift). N. Meyer, Lijnbaansgracht 60, Amsterdam. Nº. 21/12/3 M. 1039 22/4
M.
Uw schrijven van 18 April 1939 Nº 21/12/2 M
ontvangen en daarin gelezen dat u de brandstoffenschepen
van de firma Van Munster Lijnbaansgracht 61 geen andere
ligplaats kan aanwijzen.
Maar vindt de Gemeenteraad het dan ook goed dat boven
genoemde firma met 4 schepen het geheele vaarwater afsluit
voor ander verkeer zoals ik u in mijn schrijven van
21 Maart 1939 heb uiteen gezet gaarne had ik omtrent dat
punt nog bericht van u in hoever deze firma daar het
recht toe heeft in afwachting zoo noem ik mij
Hoogachtend
N Meyer
Amsterdam 21 April 1939. Lijnbaansgracht 60
N. Meyer * Inhoud: De brief is een klacht van N. Meyer over de overlast die wordt veroorzaakt door de firma Van Munster, gevestigd aan de overkant (Lijnbaansgracht 61). De gemeente heeft Meyer blijkbaar geantwoord dat zij geen alternatieve ligplaats kunnen vinden voor de brandstoffenschepen van deze firma. Meyer vraagt zich retorisch af of de gemeenteraad het acceptabel vindt dat vier schepen van één firma het gehele vaarwater blokkeren voor ander verkeer. Hij verwijst naar een eerdere brief van 21 maart 1939 en vraagt om opheldering over de wettigheid van deze situatie.
* Stijl en taal: Het taalgebruik is formeel en beleefd, doch vasthoudend. Opmerkelijk is de spelling "geheele" (volgens de spelling-De Vries en Te Winkel) en de afsluitende formule "in afwachting zoo noem ik mij", die destijds gebruikelijk was als inleiding voor "Hoogachtend".
* Toestand: Het document is een goed bewaard gebleven brief op gelinieerd papier, met duidelijke archiefkenmerken die wijzen op een zorgvuldige administratieve afhandeling door de gemeente. * Historische context: De brief dateert van april 1939, enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Amsterdam was in die tijd nog een stad waar veel goederenvervoer over water plaatsvond.
* Locatie: De Lijnbaansgracht was een belangrijke vaarweg voor de bevoorrading van de binnenstad. De firma Van Munster was waarschijnlijk een handel in brandstoffen (kolen, hout of olie), destijds essentieel voor de verwarming van woningen en het aandrijven van industrie.
* Sociaal-economisch: De brief illustreert een klassiek conflict in een dichtbevolkte stad: de spanning tussen bedrijvigheid (brandstofvoorziening) en de vrije doorgang van het publieke vaarwater. Het feit dat de gemeente aangeeft geen andere ligplaats te kunnen aanwijzen, duidt op een grote drukte en ruimtegebrek aan de Amsterdamse grachten in die periode. M.