Officieel ambtelijk voorstel / brief.
Origineel
Officieel ambtelijk voorstel / brief. 3 juni 1939 (verzonden op 5 juni 1939). De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam. [Handgeschreven rechtsboven:] M. Müller
[Stempel/Kenmerk links:] VP/HG.
[Handgeschreven midden boven:] Verzonden 5/6
[Kenmerk links:] 21/22/2 M.
[Datum rechts:] 3 Juni 1939.
Voorstel tot restitutie en
kwijtschelding van brand-
stoffenmarktgeld aan P.Ph.Bakker.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat P.Ph.
Bakker, Gelderschekade tegenover no.57, die onder andere met
een vaartuig no.7103, groot 42 ton, voor het kalenderjaar 1939
ligplaats heeft gekozen aan de brandstoffenmarkten, het be-
doelde vaartuig met ingang van 7 Mei jl. heeft verhuurd aan
J.M.Soutendijk, Jacob Catskade tegenover no.14. Bakker heeft van
het verschuldigde marktgeld twee kwartaalstermijnen tot een
totaalbedrag van f 21,- voldaan, zoodat hij thans nog f 21,-
schuldig is. Indien hij het marktgeld volgens het tarief per
kalenderweek en kalendermaand had betaald zou hij tot 7 Mei jl.
een bedrag van f 17,85 zijn schuldig geweest, zoodat hem op
gronden van billijkheid een bedrag van f 3,15 kan worden ge-
restitueerd. Bovendien worde hem het pro resto verschuldigde
bedrag van f 21,- kwijtgescholden.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken wel te willen
bevorderen, dat in vorenstaanden zin door Burgemeester en Wet-
houders wordt besloten, zulks op grond van de artikelen 36 en
10 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats-
en ventgelden.
De Directeur, Dit document betreft een administratief verzoek om een financiële correctie ten gunste van een burger, de heer P.Ph. Bakker. De heer Bakker had voor het gehele jaar 1939 een ligplaats gereserveerd aan de brandstoffenmarkt voor zijn vaartuig van 42 ton. Omdat hij zijn schip per 7 mei 1939 heeft verhuurd aan een ander (J.M. Soutendijk), is hij gestopt met het gebruik van de ligplaats voor eigen rekening.
De kern van de berekening is als volgt:
* Bakker heeft al f 21,- betaald (twee kwartalen).
* Op basis van werkelijk gebruik tot 7 mei (berekend naar week-/maandtarief) had hij slechts f 17,85 hoeven betalen.
* Er wordt voorgesteld om het verschil van f 3,15 terug te betalen ("restitutie").
* De resterende schuld van f 21,- voor de rest van het jaar wordt kwijtgescholden.
Het voorstel wordt gedaan op basis van "billijkheid" (redelijkheid) en specifieke artikelen uit de gemeentelijke verordening. Het document dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De genoemde locaties (Gelderschekade en Jacob Catskade) situeren dit dossier in Amsterdam. De "brandstoffenmarkt" was in die tijd essentieel voor de distributie van kolen en turf, die per schip naar de stad werden gebracht voor de verwarming van woningen en het aandrijven van industrie.
De Wethouder voor de Levensmiddelen had een belangrijke rol in het toezicht op de markten en de distributie van essentiële goederen. In 1939 was de economische administratie van de stad zeer gedetailleerd; zelfs kleine bedragen van enkele guldens werden via officiële weg en met beroep op specifieke artikelen van de verordening afgehandeld. De handgeschreven aantekening "M. Müller" verwijst vermoedelijk naar de behandelend ambtenaar of de persoon die het document ter visie kreeg. De notitie "Verzonden 5/6" geeft de snelle ambtelijke doorlooptijd aan.