Ambtelijke brief/memorandum (doorslag).
Origineel
Ambtelijke brief/memorandum (doorslag). 14 juni 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Markthallen of de Dienst van het Marktwezen). [Rechtsboven handgeschreven:] Ch. Rutten [?]
vP/HG.
21/23/2 M.
14 Juni 1939.
Restitutie marktgeld
brandstoffenmarkt
t.n.v. T. van der Pal.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat T. van der Pal, De Wittenstraat 38, die onder andere met vaartuig no. 2018, groot 34 ton, voor het kalenderjaar 1939 ligplaats heeft gekozen aan de brandstoffenmarkten hier ter stede, het bedoelde vaartuig op 9 Juni jl. heeft verkocht en het niet meer aan de markten gebruikt. Van der Pal heeft het terzake verschuldigde marktgeld ten bedrage van ƒ 34,- betaald en hij verzoekt hem een gedeelte van dit marktgeld te restitueeren. Inwilliging van dit verzoek lijkt mij billijk. Indien Van der Pal het marktgeld volgens het tarief per kalendermaand en per kalenderweek had betaald, zou hij tot 9 Juni jl. een bedrag van ƒ 18,70 zijn schuldig geweest. Ik stel U mitsdien voor hem een bedrag van ƒ 15,30 (ƒ 34,- - ƒ 18,70) te doen restitueeren, waartoe door Burgemeester en Wethouders, op grond van artikel 36 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden, worde besloten.
De Directeur, Dit document betreft een administratief verzoek tot gedeeltelijke terugbetaling (restitutie) van betaalde marktgelden. De heer T. van der Pal, woonachtig aan de De Wittenstraat 38 (Amsterdam), was een handelaar in brandstoffen. Hij had voor het gehele jaar 1939 ligplaatsgeld betaald voor zijn schip (34 ton), maar verkocht dit schip op 9 juni 1939.
De Directeur adviseert de Wethouder om het verzoek in te willigen. De berekening is als volgt:
* Betaald jaartarief: ƒ 34,00
* Verschuldigd bedrag tot verkoop (op basis van maand/weektarief): ƒ 18,70
* Voorstel tot restitutie: ƒ 15,30
De juridische grondslag voor dit besluit ligt in artikel 36 van de destijds geldende gemeentelijke verordening op markt- en standplaatsgelden. Het document biedt een inkijkje in de Amsterdamse economie en bureaucreatie vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De "brandstoffenmarkt" was in die tijd essentieel voor de distributie van kolen en turf voor huisbrand. De Wittenstraat ligt in de Staatsliedenbuurt, een wijk die destijds veel bewoners kende die werkzaam waren in de handel en transport over water. Het gebruik van "Wethouder voor de Levensmiddelen" duidt op de specifieke portefeuilleverdeling binnen het toenmalige College van B&W van Amsterdam.