Archief 745
Inventaris 745-274
Pagina 371
Dossier 17
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie / Brief

14 november 1939 Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen) Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier

Origineel

Ambtelijke correspondentie / Brief 14 november 1939 De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen) Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier [Handgeschreven rechtsboven:] Mr. Müller [?]
[Stempel/Handgeschreven midden boven:] Aangeteekend [gevolgd door paraaf]

VP/HG.

21/31/2 m.

14 November 1939.

Kwijtschelding marktgeld
brandstoffenmarkten ten
name van A.Dorstijn.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat A.Dorstijn, Philips van Almondestraat 20, die onder andere met vaartuig no. 3695, groot 43 ton, voor het kalenderjaar 1939 ligplaats heeft ingenomen aan een der brandstoffenmarkten, het bedoelde vaartuig met ingang van 4 October jl. heeft verkocht. Dorstijn heeft thans het schriftelijke verzoek ingediend, om van het over de periode van 4 October tot en met 31 December 1939 verschuldigde marktgeld terzake van het bovenbedoelde vaartuig kwijtschelding te mogen ontvangen. Inwilliging van dit verzoek lijkt billijk. Indien Dorstijn het marktgeld volgens het tarief per kalendermaand en per kalenderweek had betaald, zou hij van 1 Januari tot 4 October 1939 een totaal bedrag van ƒ 39,77 zijn schuldig geweest. Volgens het tarief per kalenderjaar moet hij ƒ 43,- betalen, van welk bedrag hij bereids drie kwartaaltermijnen voldeed. Hem worde thans het verschil tusschen ƒ 43,- en ƒ 39,77, zijnde ƒ 3,23 kwijtgescholden.

Ik geef U beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat daartoe door Burgemeester en Wethouders wordt besloten, overeenkomstig het bepaalde in artikel 10 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden.

De Directeur, In deze brief adviseert de directeur van een gemeentelijke dienst aan de wethouder om een klein bedrag aan marktgeld kwijt te schelden aan de heer A. Dorstijn. Dorstijn, woonachtig aan de Philips van Almondestraat 20 (waarschijnlijk in Rotterdam), had zijn vaartuig (no. 3695) begin oktober 1939 verkocht. Omdat hij reeds drie kwartalen van het jaartarief had voldaan, maar het schip het laatste kwartaal niet meer gebruikte, wordt voorgesteld om het resterende bedrag van ƒ 3,23 kwijt te schelden. De berekening is gebaseerd op het verschil tussen het jaartarief en wat hij verschuldigd zou zijn geweest op basis van maand- en weektarieven tot de verkoopdatum. De directeur beroept zich hierbij op de billijkheid en de geldende verordeningen. Het document dateert van november 1939, een periode waarin Nederland gemobiliseerd was maar nog niet direct betrokken bij de Tweede Wereldoorlog. De term "Wethouder voor de Levensmiddelen" en de straatnaam (Philips van Almondestraat komt voor in Rotterdam) duiden op een Rotterdamse context. De "brandstoffenmarkten" waren in die tijd essentieel voor de distributie van steenkool en hout voor verwarming van de stad, waarbij veel aanvoer over water plaatsvond. De ambtelijke nauwkeurigheid over een bedrag van slechts drie gulden en drieëntwintig cent illustreert de strikte financiële administratie van die tijd.

Samenvatting

In deze brief adviseert de directeur van een gemeentelijke dienst aan de wethouder om een klein bedrag aan marktgeld kwijt te schelden aan de heer A. Dorstijn. Dorstijn, woonachtig aan de Philips van Almondestraat 20 (waarschijnlijk in Rotterdam), had zijn vaartuig (no. 3695) begin oktober 1939 verkocht. Omdat hij reeds drie kwartalen van het jaartarief had voldaan, maar het schip het laatste kwartaal niet meer gebruikte, wordt voorgesteld om het resterende bedrag van ƒ 3,23 kwijt te schelden. De berekening is gebaseerd op het verschil tussen het jaartarief en wat hij verschuldigd zou zijn geweest op basis van maand- en weektarieven tot de verkoopdatum. De directeur beroept zich hierbij op de billijkheid en de geldende verordeningen.

Historische Context

Het document dateert van november 1939, een periode waarin Nederland gemobiliseerd was maar nog niet direct betrokken bij de Tweede Wereldoorlog. De term "Wethouder voor de Levensmiddelen" en de straatnaam (Philips van Almondestraat komt voor in Rotterdam) duiden op een Rotterdamse context. De "brandstoffenmarkten" waren in die tijd essentieel voor de distributie van steenkool en hout voor verwarming van de stad, waarbij veel aanvoer over water plaatsvond. De ambtelijke nauwkeurigheid over een bedrag van slechts drie gulden en drieëntwintig cent illustreert de strikte financiële administratie van die tijd.

Kooplieden in dit dossier 19

C. van Keizerswaard Uilenburg Duitsche.
A. Cuypstr Waterlooplein 151 + 53 = 204 = 200
Jacob Blitz Uilenburg Duitsche.
J. Evertsenstr Waterlooplein 30 + 40 = 70
O. Stopper Uilenburg Duitsche.
L. Baudoux Waterlooplein 75 + 94 = 169 (160)
O. Lang Uilenburg Duitsch. vaste plaats Amstelveld
Stephan Manasse Uilenburg Duitsch. vaste plaats Nieuwmarkt
T. Katestraat Waterlooplein 104 + 27 = 131 = 130
X 23. Rabinowitz.Isidoor Uilenburg
X 24. Grass.J Nieuwmarkt
Bernhard Jalowitz Nieuwmarkt
X 27. Agartz.A Uilenburg
C. Blitzblum Nieuwmarkt
O. Lang Uilenburg Was ook van 1922 t/m 1929 onafgebroken in Ned. werkzaam als marktkoopm.
X 30. Tofani.Atillio Nieuwmarkt
X 31. Bierbrouwer.A. Nieuwmarkt
Adolf Frankenstein Uilenburg
X 33. Albaukerk.Mison Nieuwmarkt

Gerelateerde Documenten 6