Handgeschreven ambtelijke notitie.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie. 1 juli 1941. Th. de Boer
H.O Lammers p.h. :
10 Juli as. op Leidsche plein
plaatsen beton muur ter plaatse
waar bloemen venters staan
(standplaatshouders).
Deze moeten worden
verplaatst.
Politie gaat ermee
accoord.
Kvp. bespreken met Politie & S.Tr.
1 Juli '41 De notitie betreft een opdracht of voornemen om op 10 juli 1941 een betonnen muur te plaatsen op het Leidseplein in Amsterdam. De specifieke locatie van deze muur is de plek waar normaal gesproken bloemenverkopers (venters/standplaatshouders) hun nering drijven. De consequentie van deze bouwmaatregel is dat deze verkopers moeten worden verplaatst.
Uit de tekst blijkt dat er overleg is geweest met de politie en dat zij akkoord zijn met de maatregel. Onderaan staat een actiepunt om de zaak verder te bespreken met de Politie en de 'S.Tr.' (vermoedelijk de Stadsreiniging of een vergelijkbare gemeentelijke technische dienst). De namen "Th. de Boer" en "H.O Lammers" verwijzen waarschijnlijk naar de betrokken ambtenaren of opstellers van de notitie. De datum (1 juli 1941) plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het bouwen van betonnen structuren of muren op centrale pleinen zoals het Leidseplein in deze periode had vaak een militair of strategisch doel, zoals de bouw van schuilplaatsen, verdedigingswerken of het afsluiten van bepaalde routes voor de bevolking.
Het feit dat kleine ondernemers zoals bloemenventers hiervoor moeten wijken, illustreert hoe de bezetting en de daarmee gepaard gaande verdedigingswerken direct ingrepen in het dagelijks leven en de lokale economie van Amsterdam. De medewerking van de Nederlandse politie aan dergelijke ruimtelijke ingrepen was in die tijd de standaard procedure onder het gezag van de bezetter. Politie
Samenvatting
De notitie betreft een opdracht of voornemen om op 10 juli 1941 een betonnen muur te plaatsen op het Leidseplein in Amsterdam. De specifieke locatie van deze muur is de plek waar normaal gesproken bloemenverkopers (venters/standplaatshouders) hun nering drijven. De consequentie van deze bouwmaatregel is dat deze verkopers moeten worden verplaatst.
Uit de tekst blijkt dat er overleg is geweest met de politie en dat zij akkoord zijn met de maatregel. Onderaan staat een actiepunt om de zaak verder te bespreken met de Politie en de 'S.Tr.' (vermoedelijk de Stadsreiniging of een vergelijkbare gemeentelijke technische dienst). De namen "Th. de Boer" en "H.O Lammers" verwijzen waarschijnlijk naar de betrokken ambtenaren of opstellers van de notitie.
Historische Context
De datum (1 juli 1941) plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het bouwen van betonnen structuren of muren op centrale pleinen zoals het Leidseplein in deze periode had vaak een militair of strategisch doel, zoals de bouw van schuilplaatsen, verdedigingswerken of het afsluiten van bepaalde routes voor de bevolking.
Het feit dat kleine ondernemers zoals bloemenventers hiervoor moeten wijken, illustreert hoe de bezetting en de daarmee gepaard gaande verdedigingswerken direct ingrepen in het dagelijks leven en de lokale economie van Amsterdam. De medewerking van de Nederlandse politie aan dergelijke ruimtelijke ingrepen was in die tijd de standaard procedure onder het gezag van de bezetter.