Ambbtelijke notitie/bijblad betreffende een ventvergunning.
Origineel
Ambbtelijke notitie/bijblad betreffende een ventvergunning. 9 mei 1941 (stempel) en 10 mei 1941 (ondertekening). [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. – No. 72/15/1 193 41
DOORGEZONDEN: 9/5-'41.
[Handgeschreven tekst:]
Heeft ventvergunning voor
alle soorten visch in Dord.
betaald voor 1940 – 1941
Te berichten; dat zoolang van de
ventvergunning geen gebruik kan
worden gemaakt deze ook niet verlengd
behoeft te worden.
Zoodra hij echter het beroep van venter weer
kan opnemen dient hij zich ten kantore
van het Marktwezen te vervoegen om de
verlenging in de in zijn bezit zijnde vergunning
te laten aantekenen.
[Rechtsonder, handtekening en datum:]
[Onleesbare handtekening, mogelijk G. Botter of G. Both]
10.5-'41
[Linksonder, drukwerk:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Onderwerp: Het document betreft de administratieve afhandeling van een visventer die zijn vergunning voor de stad Dordrecht (Dord.) wel heeft betaald voor het jaar 1940-1941, maar deze momenteel niet gebruikt.
* Besluit: Er wordt bepaald dat de vergunning niet formeel verlengd hoeft te worden zolang er geen gebruik van wordt gemaakt. De houder behoudt echter het recht om de vergunning op een later tijdstip weer te activeren.
* Procedure: Zodra de venter zijn werkzaamheden wil hervatten, moet hij persoonlijk langsgaan bij het kantoor van het "Marktwezen" om de verlenging officieel in zijn fysieke vergunningsbewijs te laten bijschrijven.
* Schrift: Het document is geschreven in een vlot, zakelijk lopend schrift (cursief) dat typerend is voor de Nederlandse administratie in de eerste helft van de 20e eeuw. Dit document is gedateerd in mei 1941, precies een jaar na de Duitse inval in Nederland. De Tweede Wereldoorlog had grote invloed op de straathandel. Door schaarste, distributiebonnen en beperkende maatregelen van de bezetter werd het voor veel kleine zelfstandigen, zoals visventers, moeilijk of onmogelijk om hun beroep uit te oefenen.
De notitie weerspiegelt een zekere mate van ambtelijke flexibiliteit in oorlogstijd: de man hoeft niet telkens verlenging aan te vragen voor een vergunning die hij door de omstandigheden toch niet kan gebruiken, maar zijn rechten blijven wel gerespecteerd voor het moment dat hij zijn beroep weer kan oppakken. Het "Marktwezen" was de gemeentelijke instantie die toezag op de orde en regelgeving op markten en bij straathandel.