Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 13 mei 1940. K. Schelvis, Tugelaweg 112-III, Amsterdam. Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. Nº 72/19/M. 1041 17/5
13/5. 1940
Aan Den Weledele Heer Directeur van het
Marktwezen.
[Aantekening in marge:] m.th. Lijster [?]
Mijnheer Daar ik in het ziekenhuis
3 maanden ^aandoening^ met mijn longen heeft gelegen
en daar ik van de geneeskundige dienst
voorlopig niet mag werken en onder controle
moet blijven wou ik u vriendelijk vragen
om uitstel van de ventvergunning.
Hoogachtend
K. Schelvis.
Tugelaweg 112. III
Amsterdam De schrijver van de brief, K. Schelvis, verzoekt de directeur van het Amsterdamse Marktwezen om uitstel betreffende zijn ventvergunning. De reden voor dit verzoek is medisch: Schelvis heeft drie maanden in het ziekenhuis gelegen vanwege een longaandoening. Hij verklaart dat hij van de geneeskundige dienst nog niet mag werken en onder medisch toezicht moet blijven.
De brief is geschreven in een formele, beleefde toon, hoewel er kleine grammaticale onvolkomenheden in staan (zoals "heeft gelegen" in plaats van "heb gelegen"), wat vaker voorkwam in correspondentie van burgers uit de werkende klasse in die periode. Het woord "aandoening" is later boven de regel tussengevoegd om de aard van de ziekte te verduidelijken. De datering van de brief is historisch zeer relevant: 13 mei 1940. Dit is drie dagen na de Duitse inval in Nederland en slechts twee dagen voor de capitulatie. Het feit dat burgers op dat moment nog bezig waren met hun dagelijkse administratieve beslommeringen zoals ventvergunningen, illustreert dat het civiele apparaat in de eerste dagen van de oorlog in Amsterdam in eerste instantie bleef functioneren.
De locatie, de Tugelaweg in de Transvaalbuurt, was in 1940 een buurt met een zeer grote Joodse populatie. De achternaam Schelvis is bovendien een bekende naam binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam. Veel bewoners van deze wijk waren werkzaam in de ambulante handel (markt- en straathandel), waarvoor een vergunning van de dienst Marktwezen strikt noodzakelijk was om een inkomen te verwerven. De administratieve krabbel "17/5" rechtsboven suggereert dat de brief pas na de capitulatie (15 mei) officieel is verwerkt. K. Schelvis Marktwezen
Samenvatting
De schrijver van de brief, K. Schelvis, verzoekt de directeur van het Amsterdamse Marktwezen om uitstel betreffende zijn ventvergunning. De reden voor dit verzoek is medisch: Schelvis heeft drie maanden in het ziekenhuis gelegen vanwege een longaandoening. Hij verklaart dat hij van de geneeskundige dienst nog niet mag werken en onder medisch toezicht moet blijven.
De brief is geschreven in een formele, beleefde toon, hoewel er kleine grammaticale onvolkomenheden in staan (zoals "heeft gelegen" in plaats van "heb gelegen"), wat vaker voorkwam in correspondentie van burgers uit de werkende klasse in die periode. Het woord "aandoening" is later boven de regel tussengevoegd om de aard van de ziekte te verduidelijken.
Historische Context
De datering van de brief is historisch zeer relevant: 13 mei 1940. Dit is drie dagen na de Duitse inval in Nederland en slechts twee dagen voor de capitulatie. Het feit dat burgers op dat moment nog bezig waren met hun dagelijkse administratieve beslommeringen zoals ventvergunningen, illustreert dat het civiele apparaat in de eerste dagen van de oorlog in Amsterdam in eerste instantie bleef functioneren.
De locatie, de Tugelaweg in de Transvaalbuurt, was in 1940 een buurt met een zeer grote Joodse populatie. De achternaam Schelvis is bovendien een bekende naam binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam. Veel bewoners van deze wijk waren werkzaam in de ambulante handel (markt- en straathandel), waarvoor een vergunning van de dienst Marktwezen strikt noodzakelijk was om een inkomen te verwerven. De administratieve krabbel "17/5" rechtsboven suggereert dat de brief pas na de capitulatie (15 mei) officieel is verwerkt.