Getypte brief (doorslag/kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag/kopie). 20 mei 1941. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst). den Heer C. Bras, Jasmijnstraat 5 I, Amsterdam-Noord. D/HG.
Extra
den Heer C. Bras,
Jasmijnstraat 5 I,
Amsterdam-Noord.
72/18/2 M. 20 Mei 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 13 dezer bericht ik U,
dat wanneer U in een bepaald boekjaar (dat loopt van 1 Juni tot
31 Mei) geen gebruik van Uw ventvergunning hebt gemaakt, U voor
dat jaar geen ventgeld behoeft te betalen.
Zoodra U het ventersberoep weder kan opnemen, dient U zich
op het Hoofdkantoor van mijn dienst te vervoegen, teneinde de in
Uw bezit zijnde ventvergunning te laten verlengen.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een antwoord op een schrijven van de heer Bras. De directeur bevestigt dat indien er in een boekjaar (1 juni t/m 31 mei) geen gebruik is gemaakt van een ventvergunning, er over die periode ook geen 'ventgeld' (belasting/leges voor het venten) verschuldigd is. Tevens wordt uitgelegd dat de vergunning bij hervatting van de werkzaamheden verlengd moet worden op het hoofdkantoor.
* Terminologie: De termen 'ventvergunning', 'ventgeld' en 'ventersberoep' verwijzen naar de straathandel. In de vroege 20e eeuw was het venten (langs de deuren gaan met goederen) een veelvoorkomend beroep waarvoor gemeentelijke vergunningen nodig waren.
* Staat: Het document is een officiële administratieve mededeling, zakelijk en formeel van toon. Het handgeschreven "Extra" duidt mogelijk op een specifieke behandeling of prioriteit in de postverwerking. * Tijdsbeeld: De brief dateert van mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlog gingen de reguliere gemeentelijke administratie en de regelgeving rondom handel gewoon door.
* Sociaal-economisch: Straathandel was vaak een noodgreep voor mensen met een klein inkomen. Dat de heer Bras informeert naar de vrijstelling van betaling suggereert dat hij zijn beroep (tijdelijk) niet kon uitoefenen, mogelijk door schaarste aan goederen of persoonlijke omstandigheden tijdens de oorlogsjaren.
* Locatie: De Jasmijnstraat in Amsterdam-Noord was destijds een typische volksbuurt waar veel kleine zelfstandigen en arbeiders woonden. C. Bras
Samenvatting
- Inhoud: De brief is een antwoord op een schrijven van de heer Bras. De directeur bevestigt dat indien er in een boekjaar (1 juni t/m 31 mei) geen gebruik is gemaakt van een ventvergunning, er over die periode ook geen 'ventgeld' (belasting/leges voor het venten) verschuldigd is. Tevens wordt uitgelegd dat de vergunning bij hervatting van de werkzaamheden verlengd moet worden op het hoofdkantoor.
- Terminologie: De termen 'ventvergunning', 'ventgeld' en 'ventersberoep' verwijzen naar de straathandel. In de vroege 20e eeuw was het venten (langs de deuren gaan met goederen) een veelvoorkomend beroep waarvoor gemeentelijke vergunningen nodig waren.
- Staat: Het document is een officiële administratieve mededeling, zakelijk en formeel van toon. Het handgeschreven "Extra" duidt mogelijk op een specifieke behandeling of prioriteit in de postverwerking.
Historische Context
- Tijdsbeeld: De brief dateert van mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlog gingen de reguliere gemeentelijke administratie en de regelgeving rondom handel gewoon door.
- Sociaal-economisch: Straathandel was vaak een noodgreep voor mensen met een klein inkomen. Dat de heer Bras informeert naar de vrijstelling van betaling suggereert dat hij zijn beroep (tijdelijk) niet kon uitoefenen, mogelijk door schaarste aan goederen of persoonlijke omstandigheden tijdens de oorlogsjaren.
- Locatie: De Jasmijnstraat in Amsterdam-Noord was destijds een typische volksbuurt waar veel kleine zelfstandigen en arbeiders woonden.