Archief 745
Inventaris 745-363
Pagina 302
Dossier 90
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

16 juni 1941. Van: A. Espinosa, wonende aan de 1e Oosterparkstraat 4 hs, Amsterdam (O). Aan: De Inspecteur van het Marktwezen te Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift). 16 juni 1941. A. Espinosa, wonende aan de 1e Oosterparkstraat 4 hs, Amsterdam (O). De Inspecteur van het Marktwezen te Amsterdam. № 72/42/1 M.1941 17/6

A’dam, 16 Juni 1941.

Aan den Heer Inspecteur van het
Marktwezen.
te Amsterdam.

Weled. Heer,

Hiermede verzoek ik U beleefd, mij kwijt-
schelding te willen verleenen van mijn vent-
vergunningsgeld groot f 5.= over het jaar 1940,
daar ik dit jaar longontsteking en etterpleuris
had, een zware operatie achter den rug heb en
zoodoende dit jaar niet kon en mocht venten.
Nu zou ik graag mijn ventvergunnings-
geld over 1941 willen betalen.
Een gunstig antwoord gaarne van U
tegemoet ziend,

Hoogachtend,
Uw dw d.
A. Espinosa.

1939/40

1e Oosterparkstr. 4 hs
A’dam (O)

Ventvergunning № 03919. Serie I № 50
jr In deze brief verzoekt A. Espinosa de Inspecteur van het Marktwezen om kwijtschelding van de leges voor een ventvergunning over het jaar 1940. Het bedrag waar het om gaat is 5 gulden. De reden voor dit verzoek is van medische aard: de schrijver heeft het voorgaande jaar geleden aan een zware longontsteking en 'etterpleuris' (empyeem, een ophoping van pus in de pleuraholte), waarvoor een zware operatie noodzakelijk was. Hierdoor was het onmogelijk om het beroep van venter uit te oefenen.

De schrijver toont zich welwillend door aan te geven het bedrag voor het lopende jaar (1941) wel te willen betalen. De brief is formeel en beleefd opgesteld, wat blijkt uit de aanhef ("Weled. Heer") en de ondertekening ("Uw dw d.", wat staat voor Uw dienstwillige dienaar). De brief dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Voor straatverkopers en marktkooplieden was het een economisch zware tijd door toenemende schaarste en distributiemaatregelen.

De achternaam 'Espinosa' is van Sefardisch-Joodse oorsprong. Gezien de datum en de locatie (Amsterdam, Oosterparkbuurt) is het zeer aannemelijk dat de afzender van Joodse afkomst was. In deze periode werden de anti-Joodse maatregelen door de bezetter steeds verder opgevoerd. In mei 1941 was bijvoorbeeld al de registratie van Joodse ondernemingen verplicht gesteld. Een ventvergunning was voor veel kleine zelfstandigen de enige bron van inkomsten. Het feit dat de schrijver meldt niet te hebben 'mogen' venten, kan zowel slaan op het medische verbod van een arts als op de beperkende maatregelen die gaandeweg voor Joodse burgers werden ingevoerd.

Samenvatting

In deze brief verzoekt A. Espinosa de Inspecteur van het Marktwezen om kwijtschelding van de leges voor een ventvergunning over het jaar 1940. Het bedrag waar het om gaat is 5 gulden. De reden voor dit verzoek is van medische aard: de schrijver heeft het voorgaande jaar geleden aan een zware longontsteking en 'etterpleuris' (empyeem, een ophoping van pus in de pleuraholte), waarvoor een zware operatie noodzakelijk was. Hierdoor was het onmogelijk om het beroep van venter uit te oefenen.

De schrijver toont zich welwillend door aan te geven het bedrag voor het lopende jaar (1941) wel te willen betalen. De brief is formeel en beleefd opgesteld, wat blijkt uit de aanhef ("Weled. Heer") en de ondertekening ("Uw dw d.", wat staat voor Uw dienstwillige dienaar).

Historische Context

De brief dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Voor straatverkopers en marktkooplieden was het een economisch zware tijd door toenemende schaarste en distributiemaatregelen.

De achternaam 'Espinosa' is van Sefardisch-Joodse oorsprong. Gezien de datum en de locatie (Amsterdam, Oosterparkbuurt) is het zeer aannemelijk dat de afzender van Joodse afkomst was. In deze periode werden de anti-Joodse maatregelen door de bezetter steeds verder opgevoerd. In mei 1941 was bijvoorbeeld al de registratie van Joodse ondernemingen verplicht gesteld. Een ventvergunning was voor veel kleine zelfstandigen de enige bron van inkomsten. Het feit dat de schrijver meldt niet te hebben 'mogen' venten, kan zowel slaan op het medische verbod van een arts als op de beperkende maatregelen die gaandeweg voor Joodse burgers werden ingevoerd.

Locaties

Amsterdam (geschreven als A’dam).

Kooplieden in dit dossier 100

B. v.d. Burg aardappelen
Brandstoffen en/of Petroleum 79
C. Markt appels
J. Renz. 366
J. Renz. +67
C. Keyzer fruit
C. Kuiper rapen
C. van Klaveren aardappel.
A.L.J. van Staveren roode kool
K.N.S.M. Loods led. kisten
F. v.d. Berg aardappelen
N. Gem kolen
G. Kramer rapen
G. Kramer rapen
G. v. d. Wal aardappelen
G. v. d. Wal rapen
Haring, zuurwaren etc. 139
H. Bak Waterlooplein wortelen
Alle 100 kooplieden →