Brief / Verklikking (verzoek om handhaving)
Origineel
Brief / Verklikking (verzoek om handhaving) [Rechtsboven:]
Zaterdag 20 December 1941
No 1201 L.M. 1941 22/12
[Hoofdtekst:]
Mijnheer ik ben tot de inzicht gekomen dat
er weinig controle is in Amsterdam.
Want er vente reeds drie maanden lang vijf
venters van Marken in de Gemeente Amsterdam
Zij komen met de N Z H T tram in de stad.
Het bootje ligt aan de Ruiter kade.
Daaruit kan ik op maken dat het venten
zonder vergunning in de Gemeente Amsterdam
is toegelaten. Er zijn ook veel Volendammers
die zonder vergunning in Amsterdam
venten en nu stel ik u er van in kennis
dat wanneer zij over een maand nog venten
het voor mij een teeken is dat het is toegelaten
zonder vergunning te venten.
Ik zal er dan ook mee beginnen
De vijf Markers zijn.
1 Jaap van Altena. - Neen
2 Cornelis Zeeman. 875. Visschu[?] [doorgehaald met rode inkt]
3 Dirk Zeeman. - Neen
4 Piet Comandeur. - Neen
5 Piet de Waart. 827 V.m.
Indien zij over een maand nog
venten, dan ga ik ook venten.
[Stempel onderaan:]
22 DEC. 1941 * Inhoud: De anonieme schrijver beklaagt zich over het gebrek aan handhaving op straatverkoop (venten) in Amsterdam. Hij noemt specifiek vijf personen uit Marken die zonder vergunning zouden werken. De schrijver hanteert een dreigende toon: als er binnen een maand niet wordt ingegrepen, zal hij zelf ook illegaal gaan venten.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in een licht dialectisch gekleurd Nederlands ("tot de inzicht gekomen", "er vente reeds"). Het handschrift is regelmatig maar de toon is vinnig en getuigt van sociale afgunst of economische nood.
* Ambtelijke verwerking: De namen op de lijst zijn voorzien van aantekeningen, vermoedelijk door een ambtenaar die de vergunningsregisters heeft gecontroleerd. De toevoeging "- Neen" achter drie namen suggereert dat deze personen inderdaad niet in het bezit waren van een vergunning. De cijfers "875" en "827 V.m." verwijzen waarschijnlijk naar register- of proces-verbaalnummers. Dit document stamt uit december 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en strikte regulering van de handel. Verklikking (het aangeven van medeburgers) kwam veelvuldig voor, vaak voortkomend uit economische motieven of nijd over oneerlijke concurrentie in een tijd waarin iedereen probeerde te overleven.
De genoemde "NZHT tram" verwijst naar de Noord-Zuid-Hollandse Tramwegmaatschappij (ook wel de 'Blauwe Tram' genoemd), die een belangrijke verbinding vormde tussen Amsterdam en het Waterland (waaronder de opstapplaatsen voor Marken en Volendam). De "Ruiterkade" (De Ruijterkade) was de plek waar de veerboten en marktschepen aanlegden. Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse spanningen op de Amsterdamse straten en de interactie tussen burgers en de bureaucratie onder het bezettingsregime. Gemeente Amsterdam