Officieel rapport/notitie op een bijblad (Algemene Zaken Model No. 14).
Origineel
Officieel rapport/notitie op een bijblad (Algemene Zaken Model No. 14). 31 december 1941 (met latere aantekeningen tot 22 januari 1942). H.F. de Vries, Controleur Marktopzicht. De Heer Inspecteur (met vermelding Th. H. de Vries). [Linksboven in kader:]
BIJBLAD VAN:
M. 1941 No. 72/60/1 23/12 '41
DOORGEZONDEN:
[Rechtsboven, schuin geschreven:]
58
Voet
oproepen a.s. Maandag
13-1-42
Dekker
Controle rapport
29-12-41
Dekker
post. 10 1/2-12
[Midden:]
Den Heer Inspecteur
Th. H. de Vries.
Deze anoniemen klacht is waarschijnlijk afkomstig van
Jacob Wegloop en betreft den venter H. Voet. (Ouderw. 23/156 Aard. Gr. Fruit. Oost)
wonende Retiefstraat No. 78. Zijn bedrijf is te beschouwen als een kleine
groentenwinkel (zijn woning) en een groote klantenwijk. Komen er klanten
als hij thuis is en zijn kar voor de deur staat dan worden zij ook met artikelen
van de kar geholpen.
Amsterdam 31 December '41
Contr. Marktopzicht-
H.F. de Vries
[Onder de hoofdtekst:]
Kan als afgedaan worden
beschouwd Vent niet meer
19-1-42
Dekker
[Linksonder, later toegevoegd:]
Vraag Voet eens of men
duidelijk standplaats is
voor zijn deur;
kijk nog eens of er toe dan
controleren 22-1-42
[Helemaal onderaan links:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een ambtelijk rapport over een onderzoek naar een anonieme klacht tegen een Amsterdamse straatventer genaamd H. Voet. De controleur, H.F. de Vries, vermoedt dat de klager een zekere Jacob Wegloop is. De essentie van de klacht is dat Voet zijn woning aan de Retiefstraat 78 feitelijk als winkel gebruikt door klanten te bedienen vanaf zijn handkar wanneer deze voor de deur staat.
Uit de kanttekeningen blijkt de afhandeling:
1. Er is eerst een controlerapport opgemaakt op 29 december 1941.
2. Voet wordt opgeroepen voor verhoor op maandag 13 januari 1942.
3. Er wordt opdracht gegeven om te controleren of hij een officiële standplaats voor zijn deur heeft.
4. Uiteindelijk wordt het dossier op 19 januari 1942 gesloten door 'Dekker' met de mededeling dat de man niet meer vent ("Vent niet meer"). Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (december 1941 - januari 1942). In deze tijd was er sprake van schaarste en strikte regulering van de handel in levensmiddelen (aardappelen, groenten, fruit). De Retiefstraat ligt in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost, een buurt die op dat moment nog een grote Joodse populatie kende, al vonden de eerste grote wegvoeringen toen al plaats of stonden ze op het punt te beginnen.
De "anonieme klacht" kan wijzen op onderlinge spanningen of concurrentie in een tijd van economische nood. De opmerking dat Voet "niet meer vent" aan het einde van het dossier kan verschillende oorzaken hebben: het staken van de bedrijfsactiviteiten door de strenge controles, ziekte, of in de context van die tijd, mogelijk de gevolgen van de anti-Joodse maatregelen die ondernemers en handelaren troffen. De archivistische waarde ligt in het inzicht dat het geeft in de fijnmazige controle op de straathandel en de wijze waarop de overheid reageerde op burgerverklikking tijdens de bezettingsjaren. H. Voet H. de Vries H.F. de Vries Marktopzicht (Controleur)