Proces-verbaal van de Politie te Amsterdam.
Origineel
Proces-verbaal van de Politie te Amsterdam. 3 april 1941. [Stempel in rood: Gezien A'dam]
PRO JUSTITIA.
Marktwezen No. 77/10/4 M.
POLITIE TE AMSTERDAM.
2e sectie 2e afdeeling.
PROCES-VERBAAL.
Proces-verbaal contra Cornelis de Vries, oud 22 jaar, knecht, wonende Orteliusstraat 94 te Amsterdam-West, per adres J. Hees, verdacht van diefstal van een kist inhoudende 25 bos rabarber, gepleegd op 3 April 1941 op de Centrale Markt te Amsterdam, en contra Herke de Vries, oud 58 jaar, koopman, wonende Jacob van Lennepkade 416 te Amsterdam-West, verdacht van medeplichtigheid aan dien diefstal, ten nadeele van Jan van der Valk, oud 31 jaar, grossier in groenten, gevestigd Centrale Markt te Amsterdam en wonende Smitstraat 42 te Rijnsburg (Z.H.).
Ik, ondergetekende, Barend Felthuis, ambtenaar bij het Marktwezen te Amsterdam, tevens onbezoldigd veldwachter dezer gemeente, dienstdoende aan de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat alhier, verklaar het navolgende:
"Op Donderdag 3 April 1941 des voormiddags omstreeks 9 uur bevond ik mij met toezicht belast op pier A van de Centrale Markt ter hoogte van pakhuis A 6 toen ik zag, dat een mij van aanzien bekend persoon, die mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Cornelis de Vries, geboren te Amsterdam 8 October 1918, knecht en wonende Orteliusstraat 94 te Amsterdam-West per adres J. Hees, van een met groenten geladen handkar, welke voor pakhuis A 6 stond een kist gevuld met rabarber wegnam en deze neerzette op de verkoopplaats van pakhuis A 1. Hierna begaf hij zich weer terug naar de handkar, gaf vervolgens met zijn mond eenige malen een fluitsignaal, waarop blijkbaar een mij bekend persoon verscheen, die mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Herke de Vries, geboren te Amsterdam, 4 Juli 1882, koopman en wonende Jacob van Lennepkade 416 te Amsterdam-West, met wien Cornelis de Vries even bleef staan praten. Als bijzonderheid hierbij viel het mij, verbalisant, op, dat zij beiden min of meer schichtig om zich heen keken. Vervolgens zag ik, dat Herke de Vries zich met een handkar naar de verkoopplaats van pakhuis A 1 begaf, daar van de verkoopplaats de kist met rabarber wegnam, welke Cornelis de Vries er even te voren had neergezet, deze op zijn handkar laadde en zich toen met de handkar blijkbaar wilde verwijderen. Waar het mij bekend is, dat Herke de Vries zich op de Centrale Markt al meerdere malen aan diefstal had schuldig gemaakt, kwam hetgeen ik zoo juist had gezien mij verdacht voor, reden waarom ik hem heb aangehouden en overgebracht naar het Kaartenbureau van de Centrale Markt, alwaar ik hem voorloopig heb gehoord. De kist met rabarber, welke hij van de verkoopplaats van pakhuis A 1 had weggenomen, bleek, gezien het op de kist aangebrachte merkteeken, afkomstig van de veiling te Barendrecht, en bevatte 25 bos rabarber en heb ik voorloopig in beslag genomen.
Omtrent de herkomst van de besproken kist met rabarber verklaarde Herke de Vries mij als volgt: "Hedenmorgen omstreeks 9 uur, bevond ik mij met mijn handkar op pier A van de Centrale Markt, waarheen ik mij had begeven om bij verschillende grossiers mijn inkoopen te doen, toen mijn zoon Cornelis de Vries, die als personeel werkzaam is bij den winkelier G. Tabak, op mij toekwam en mij vroeg of ik voor hem een kist rabarber wilde meenemen. Deze kist was, naar mijn zoon mij verklaarde, bestemd voor zijn baas, doch aangezien diens handkar reeds volgeladen was kon mijn zoon hem zelf niet meer vervoeren. Later zou mijn zoon de kist weer van mij overnemen. De besproken kist had hij reeds op de verkoopplaats van pakhuis A 1 neergezet, waar ik deze wel vandaan kon halen. Hoe mijn zoon in het bezit was gekomen van de kist met rabarber weet ik niet, doch vermoed, dat zijn baas deze bij een grossier had gekocht. Ik heb aan het verzoek van mijn zoon gevolg gegeven, doch juist toen ik de kist had opgeladen en mij wilde verwijderen werd ik door U aangehouden."
Terwijl ik Herke de Vries voorloopig in het Kaartenbureau van de Centrale Markt heb achtergelaten heb ik, verbalisant, mij weer naar pier A begeven alwaar voor pakhuis A 6 nog steeds de handkar stond, waarvan Cornelis de Vries de kist met rabarber had weggenomen. Thans bevond zich bij deze handkar een mij bekend persoon, die mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Gerrit Tabak, oud 36 jaar, groentenwinkelier, wonende Nassaukade 162 te Amsterdam-West, die mij verklaarde, dat hij de eigenaar van deze handkar was en de zich daarop bevindende groenten bij verschillende grossiers op de Centrale Markt had gekocht, terwijl zijn knecht, genaamd Cornelis de Vries, de groenten had opgeladen. Nadat ik Tabak had medegedeeld, hetgeen ik van Cornelis de Vries en van Herke de Vries had gezien, controleerde hij de door hem gekochte groenten, waaronder zich ook
[Einde pagina/documentfragment] * Delict: Het document beschrijft een gecoördineerde diefstal van een kist met 25 bos rabarber.
* Werkwijze (Modus Operandi): De zoon (Cornelis) ontvreemdt een kist van een handkar bij pakhuis A6 en verplaatst deze naar een 'tussenstation' (pakhuis A1). Na een fluitsignaal komt de vader (Herke) de kist ophalen met zijn eigen handkar.
* Betrapping: De verbalisant herkende de vader als een bekende van de politie die vaker diefstallen pleegde op de markt.
* Verdediging: De vader claimt te goeder trouw te handelen; hij dacht dat de kist legaal door de baas van zijn zoon (Gerrit Tabak) was aangeschaft. De verklaring van de baas aan het einde van het document suggereert echter dat de kist niet bij zijn rechtmatige inkopen hoorde. * Historische context: Het incident vindt plaats in april 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de schaarste aan voedsel toe en werden distributieregels strenger, wat leidde tot een toename van diefstal en zwarte handel.
* Locatie: De Centrale Markt in Amsterdam-West was het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad. Toezicht door marktambtenaren en veldwachters was essentieel om de orde en de legale handel te handhaven.
* Sociaal-economisch: Het document geeft een inkijkje in de wereld van kleine handelaren, knechten en de sociale verhoudingen (vader en zoon die samenwerken in de criminaliteit) in het Amsterdam van de oorlogsjaren. G. Tabak J. Hees Marktwezen Politie