Archief 745
Inventaris 745-363
Pagina 496
Dossier 1
Jaar 1941
Stadsarchief

Extract uit het Boek der Besluiten (besluit van de regeringscommissaris).

18 april 1941.

Origineel

Extract uit het Boek der Besluiten (besluit van de regeringscommissaris). 18 april 1941. [Handgeschreven linksboven] No 77/10/8 M. 1941 26/4
[Handgeschreven rechtsboven] Markt.

No.53/4 L.M.1941 Straf bezoekers Centrale Markt.

E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
den Regeeringscommissaris voor Amsterdam,
Vrijdag 18 April 1941.

Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen, wordt het volgende besluit genomen:

De Regeeringscommissaris voor Amsterdam;
Gezien de rapporten van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen dd. 9 April 1941, No.77/10/5 M, en 25 Juni 1937 No.77/40/3 M, (No.48/8 L.M.1937);
Gelet op het besluit van Burgemeester en Wethouders van 14 Februari 1936 No.48/1 L.M.1936, alsmede op art.35, 2e lid van het Reglement op de Centrale Markt;

B e s l u i t :

te bepalen:
A. dat H.de Vries, Jac.van Lennepkade 416 III alhier, met ingang van 19 April 1941 wegens medeplichtigheid aan diefstal zal worden gestraft met ontneming voorgoed van het recht van toegang tot de Centrale Markt;
B. dat C.de Vries, Orteliusstraat 94 p/a J.Hees, alhier, met ingang van 19 April 1941 wegens diefstal op de Centrale Markt zal worden gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van 6 maanden, met dien verstande, dat van deze straf aanvankelijk een gedeelte, nl.4 maanden, dus tot 19 Augustus 1941 zal worden ten uitvoer gelegd, terwijl het overige deel der straf onmiddellijk in werking treedt, indien hij zich vóór 19 April 1944 wederom aan een strafbaar feit op die markt schuldig maakt.

Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen ( 3 stuks) en Algemeene Zaken ( 3 stuks).

Ho.
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. Walch
l.s. Dit document is een officieel besluit van de gemeente Amsterdam uit de beginjaren van de Tweede Wereldoorlog. Het betreft een administratieve strafmaatregel tegen twee individuen, vermoedelijk familieleden (beiden De Vries), die zich schuldig hebben gemaakt aan diefstal op de Centrale Markt.

Opvallend is het verschil in strafmaat: H. de Vries krijgt een levenslange ontzegging wegens medeplichtigheid, terwijl C. de Vries een tijdelijke ontzegging van 6 maanden krijgt (waarvan 4 maanden onvoorwaardelijk en een proeftijd van drie jaar) voor de diefstal zelf. Dit suggereert dat de persoonlijke omstandigheden of de aard van de betrokkenheid door de directeur van het Marktwezen verschillend zijn gewogen. Het document illustreert de strikte handhaving op de markten, die tijdens de bezetting cruciaal waren voor de voedselvoorziening. Het jaar 1941 markeert een omslagpunt in de bezetting van Nederland. De titel "Regeeringscommissaris voor Amsterdam" verwijst naar de nieuwe bestuursvorm die door de Duitse bezetter was opgelegd. De democratisch gekozen gemeenteraad en wethouders waren aan de kant geschoven; de burgemeester (in dit geval Edward J. Voûte) fungeerde als regeringscommissaris met verregaande bevoegdheden, direct rapporterend aan de bezettingsautoriteiten.

De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was tijdens de oorlog een vitale en streng bewaakte plek. Vanwege de toenemende schaarste en de invoering van de distributie (bonkaarten) werd diefstal of fraude met levensmiddelen zwaar bestraft. Administratieve uitsluiting van de markt betekende voor handelaren vaak het einde van hun broodwinning. De ondertekenaar J. Walch was de gemeentesecretaris die de continuïteit van het ambtelijk apparaat onder de bezetter waarborgde.

Samenvatting

Dit document is een officieel besluit van de gemeente Amsterdam uit de beginjaren van de Tweede Wereldoorlog. Het betreft een administratieve strafmaatregel tegen twee individuen, vermoedelijk familieleden (beiden De Vries), die zich schuldig hebben gemaakt aan diefstal op de Centrale Markt.

Opvallend is het verschil in strafmaat: H. de Vries krijgt een levenslange ontzegging wegens medeplichtigheid, terwijl C. de Vries een tijdelijke ontzegging van 6 maanden krijgt (waarvan 4 maanden onvoorwaardelijk en een proeftijd van drie jaar) voor de diefstal zelf. Dit suggereert dat de persoonlijke omstandigheden of de aard van de betrokkenheid door de directeur van het Marktwezen verschillend zijn gewogen. Het document illustreert de strikte handhaving op de markten, die tijdens de bezetting cruciaal waren voor de voedselvoorziening.

Historische Context

Het jaar 1941 markeert een omslagpunt in de bezetting van Nederland. De titel "Regeeringscommissaris voor Amsterdam" verwijst naar de nieuwe bestuursvorm die door de Duitse bezetter was opgelegd. De democratisch gekozen gemeenteraad en wethouders waren aan de kant geschoven; de burgemeester (in dit geval Edward J. Voûte) fungeerde als regeringscommissaris met verregaande bevoegdheden, direct rapporterend aan de bezettingsautoriteiten.

De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was tijdens de oorlog een vitale en streng bewaakte plek. Vanwege de toenemende schaarste en de invoering van de distributie (bonkaarten) werd diefstal of fraude met levensmiddelen zwaar bestraft. Administratieve uitsluiting van de markt betekende voor handelaren vaak het einde van hun broodwinning. De ondertekenaar J. Walch was de gemeentesecretaris die de continuïteit van het ambtelijk apparaat onder de bezetter waarborgde.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 100

B. v.d. Burg aardappelen
Brandstoffen en/of Petroleum 79
C. Markt appels
J. Renz. 366
J. Renz. +67
C. Keyzer fruit
C. Kuiper rapen
C. van Klaveren aardappel.
A.L.J. van Staveren roode kool
K.N.S.M. Loods led. kisten
F. v.d. Berg aardappelen
N. Gem kolen
G. Kramer rapen
G. Kramer rapen
G. v. d. Wal aardappelen
G. v. d. Wal rapen
Haring, zuurwaren etc. 139
H. Bak Waterlooplein wortelen
Alle 100 kooplieden →