Handgeschreven briefje/kennisgeving.
Origineel
Handgeschreven briefje/kennisgeving. 7 april 1941 (genoteerd als 7-4-41). J. Brand. Onbekend (geadresseerd als "Mijnheer"). 7-4-41
Mijnheer met deze
deel ik U mede dat
ik Zaterdag a. s. even mijn
achterstalligen schuld
zal komen betalen
daar ik van de week
even krap zat heb
ik er geen erg in gehad
ik hoop dat het goed is
dat ik het den zaterdag
betaal
Inmiddels
J Brand
1e Anjeliersdwarsstr 7 II
Amsterdam
C. De brief is een korte, verontschuldigende mededeling betreffende een financiële achterstand. De afzender, J. Brand, geeft aan dat hij/zij aanstaande zaterdag ("Zaterdag a.s.") de "achterstalligen schuld" komt voldoen. De reden voor de vertraging is een tijdelijk geldgebrek ("even krap zat") gedurende de week, waardoor de betaling blijkbaar aan de aandacht is ontsnapt ("er geen erg in gehad").
Het handschrift is een vlot, hellend cursief dat typerend is voor het midden van de 20e eeuw. De toon is beleefd en respectvol (gebruik van "U" en "Mijnheer"). De spelling "achterstalligen" met de buigings-n wijst op een formele schrijfstijl die in 1941 nog gangbaar was. De datum, 7 april 1941, plaatst dit schrijven in het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode nam de economische druk op de burgerbevolking toe door schaarste en rantsoenering, wat de uitspraak "even krap zat" een extra laag van betekenis geeft.
Het adres, de 1e Anjeliersdwarsstraat in Amsterdam, ligt in de Jordaan. Dit was destijds een typische volksbuurt waar veel handwerklieden en arbeiders woonden. Het cijfer "II" achter het huisnummer geeft aan dat de afzender op de tweede verdieping woonde. De toevoeging "C." bij Amsterdam staat voor 'Centrum'. Dergelijke briefjes worden vaak teruggevonden in de archieven van particuliere verhuurders, incassobureaus of winkeliers uit die tijd, als bewijs van correspondentie over onbetaalde rekeningen of huur. J. Brand
Samenvatting
De brief is een korte, verontschuldigende mededeling betreffende een financiële achterstand. De afzender, J. Brand, geeft aan dat hij/zij aanstaande zaterdag ("Zaterdag a.s.") de "achterstalligen schuld" komt voldoen. De reden voor de vertraging is een tijdelijk geldgebrek ("even krap zat") gedurende de week, waardoor de betaling blijkbaar aan de aandacht is ontsnapt ("er geen erg in gehad").
Het handschrift is een vlot, hellend cursief dat typerend is voor het midden van de 20e eeuw. De toon is beleefd en respectvol (gebruik van "U" en "Mijnheer"). De spelling "achterstalligen" met de buigings-n wijst op een formele schrijfstijl die in 1941 nog gangbaar was.
Historische Context
De datum, 7 april 1941, plaatst dit schrijven in het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode nam de economische druk op de burgerbevolking toe door schaarste en rantsoenering, wat de uitspraak "even krap zat" een extra laag van betekenis geeft.
Het adres, de 1e Anjeliersdwarsstraat in Amsterdam, ligt in de Jordaan. Dit was destijds een typische volksbuurt waar veel handwerklieden en arbeiders woonden. Het cijfer "II" achter het huisnummer geeft aan dat de afzender op de tweede verdieping woonde. De toevoeging "C." bij Amsterdam staat voor 'Centrum'. Dergelijke briefjes worden vaak teruggevonden in de archieven van particuliere verhuurders, incassobureaus of winkeliers uit die tijd, als bewijs van correspondentie over onbetaalde rekeningen of huur.