Archiefdocument
Origineel
31 mei 1941. [Stempel/Type linksboven:] Nº 85/13/3 M. 1941 4/6
No.558 L.M. -1941-
[Handgeschreven aantekening linksboven:]
genoteerd G
9/6 '41
B 12/6 '41
[Handgeschreven rechtsboven, groen potlood:] 566
[Diverse handgeschreven parafen, o.a.:] Mouthaan, V.d. Bie, M. v. Meteren, Vogelesang
De Regeeringscommissaris voor Amsterdam,
Gelet op de beschikking van Burgemeester en Wethouders van 3 April 1939, No.811 L.M. 1938, waarbij aan Th.Jonker, Tweede Oosterparkstraat 121 alhier tot wederopzeggens werd toegestaan op een anderen dan voor den markt bestemden tijd kramen op te zetten of te hebben op de markt Dapperstraat;
Gelet op het advies van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen van 24 Mei 1941, No.85/13/2 M;
heeft goedgevonden vorenvermelde beschikking, gerekend te zijn ingegaan 19 Mei 1941, in te trekken.
Amsterdam, 31 Mei 1941.
De Regeeringscommissaris voornoemd,
[Handtekening: Voûte]
de Gemeentesecretaris,
[Handtekening: J. F. Franken]
Aan:
Belanghebbende.
--- Dit document is een officieel besluit van het Amsterdamse gemeentebestuur tijdens de Duitse bezetting. De kern van het besluit is het intrekken van een vergunning die in 1939 was verleend aan Th. Jonker, woonachtig aan de Tweede Oosterparkstraat 121. De vergunning gaf Jonker het recht om buiten de reguliere markttijden kramen te plaatsen op de Dappermarkt.
De intrekking gebeurt met terugwerkende kracht vanaf 19 mei 1941. Opvallend zijn de vele ambtelijke parafen in de rechterbovenhoek, wat duidt op de administratieve afhandeling door verschillende afdelingen (zoals de Dienst van het Marktwezen).
--- De datum van het document, 31 mei 1941, plaatst dit besluit midden in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was het democratische bestuur van Amsterdam door de bezetter opzij geschoven. In plaats van een college van Burgemeester en Wethouders werd de stad bestuurd door een 'Regeringscommissaris'.
Edward Voûte, wiens handtekening op het document staat, werd in maart 1941 door de Duitsers aangesteld in deze functie (later werd hij formeel burgemeester). Dit gebeurde kort na de Februaristaking, toen de bezetter de controle over het stadsbestuur wilde verstrakken. Het intrekken van specifieke marktvergunningen zoals deze kan onderdeel zijn geweest van een bredere sanering of reorganisatie van het marktwezen onder het nieuwe regime, waarbij privileges uit de vooroorlogse periode werden herzien. De Dappermarkt bevond zich bovendien in een wijk (Amsterdam-Oost) die zwaar getroffen werd door de anti-Joodse maatregelen van die tijd, hoewel uit dit specifieke document niet direct blijkt of er een discriminerend motief achter de intrekking zat. Th. Jonker (belanghebbende) Edward Voûte (Regeringscommissaris) J.F. Franken (Gemeentesecretaris). Gemeente Amsterdam Marktwezen