Dienstbrief / Officiële correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Officiële correspondentie. 24 juni 1941. De Directeur van het Gewestelyk Arbeidsbureau Amsterdam. Den Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. GEWESTELYK ARBEIDSBUREAU AMSTERDAM
GEMEENTE-ARBEIDSBEURS
PASSEERDERSGRACHT 30–32 TELEFOON 41703
V.
No. 7681 G.A.B. AMSTERDAM, 24 Juni 1941
[Stempel:] Nº 86/3/11 M. 1941 [handgeschreven:] 25/6
In antwoord op Uw schryven van 6 Juni jl., No.86/3/10 M, bericht ik U het volgende:
[Vinkje] C.Goedhart, geboren 10 Juni 1891, werd op 3 Mei 1941 in Duitschland geplaatst by de Deutsche Reichspost te Berlyn.
[Vinkje] G.Slikker, geboren 27 December 1907, werd op 15 April jl. als chauffeur geplaatst by het Böhmische Brauhaus G.m.b.H. te Hartmanndorf by Chemnitz.
I.Bromet, geboren 6 Juli 1910, is by de afdeeling Duitschland van myn Bureau onbekend. Betrokkene is waarschynlyk Israëliet, zoodat hy niet in Duitschland kan worden geplaatst.
Coll. [paraaf]
[Letter H]
De Directeur van het
Gewestelyk Arbeidsbureau
Amsterdam,
[Handtekening]
Den Heer Directeur van het
Marktwezen,
A l h i e r .
Model No. 14 (Brfp. 8º) Deze brief dient als een statusrapportage over drie specifieke werknemers die vermoedelijk voorheen werkzaam waren bij het "Marktwezen" in Amsterdam. Het Gewestelijk Arbeidsbureau (GAB) rapporteert of en waar zij zijn ingezet voor werk in Duitsland (de zogenaamde Arbeidseinsatz).
- C. Goedhart is tewerkgesteld bij de Duitse posterijen in Berlijn.
- G. Slikker werkt als chauffeur bij een brouwerij in de buurt van Chemnitz.
- I. Bromet vormt de uitzondering. Van hem wordt expliciet vermeld dat hij "waarschynlyk Israëliet" (Joods) is. In de bureaucratische taal van 1941 was dit de reden dat hij niet in Duitsland "geplaatst" kon worden. In deze fase van de bezetting werden Joden systematisch uitgesloten van reguliere tewerkstellingstrajecten in het Reich, wat een voorbode was van de latere totale isolatie en deportatie. Het document dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De "Arbeidseinsatz" was in deze periode nog niet volledig verplicht voor alle mannen, maar de druk vanuit de arbeidsbureaus om in Duitsland te gaan werken was groot, vooral voor werklozen of mensen in sectoren die door de bezetter werden geherstructureerd.
Het document illustreert de verregaande medewerking van de Nederlandse administratie (zoals het Arbeidsbureau en de dienst Marktwezen) aan het Duitse beleid. De achteloze manier waarop de Joodse identiteit van Bromet wordt genoteerd als een administratieve belemmering voor uitzending, laat zien hoe diep de uitsluiting van Joodse burgers al in 1941 in de ambtelijke processen was verankerd. De term "Israëliet" was destijds de gangbare formele aanduiding voor Joodse Nederlanders. C. Goedhart G. Slikker I. Bromet V. Marktwezen