Brief / Ambtelijke correspondentie
Origineel
Brief / Ambtelijke correspondentie 21 juni 1941 Onbekend (waarschijnlijk een afdelingshoofd of beheerder van Centrale Noord) De Commissie voor Smeeroliën, Secr. Gemeente Energiebedrijf, Centrale Noord, Papaverweg 55, Amsterdam-Noord. J/HG.
100/5/12 M.
21 Juni 1941.
de Commissie voor Smeeroliën,
Secr. Gemeente Energiebedrijf,
Centrale Noord, Papaverweg 55,
Amsterdam-Noord.
In antwoord op Uw schrijven S.I.4169/114 d.d. 31 Mei 1941 deel ik het volgende mede.
Met het vraagstuk der oliebesparing bij mijn dienst is belast de hoofdopzichter T. Jonkman.
De vaten waarover mijn dienst beschikt (alle van lichte constructie) zijn in onderstaand lijstje aangegeven.
| Aantal vaten | Soort | Inhoud | oorspr. gebruik | heden in gebruik voor | staat waarin het vat zich bevindt | Sluiting |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 | drum | 100 kg. | K 8 | - | goed | goed |
| 1 | " | 100 " | C 3 | petroleum | " | " |
| 2 | " | 50 " | K 8 | K 8 voorr. | " | " |
| 2 | " | 50 " | K 8 | - | " | " |
| 1 | " | 50 " | C 3 | K 8 vuil | " | " |
| 1 | oliebus | 25 l. | K 8 | K 8 " | " | " |
| 1 | " | 20 " | K 8 | K 8 gefilterd | " | " |
| 1 | " | 10 " | motorolie A.P.C. | - | " | " |
| 1 | " | 10 " | B L 3 | B L 3 voorr. | " | " |
| 2 | vet bussen | 10 kg. | Ossagol | (1 voorr. 1 in-gebr.) | " | " |
Omtrent Uw vraag of ondanks de besparing in 1940 van respectievelijk 68,8 en 33,5% op de beide meest gebruikte oliesoorten, een nog intensievere bezuiniging mogelijk is moet ik U melden, dat dit van verschillende factoren afhankelijk is, onder andere van de bezetting van het koelhuis, terwijl het nog te bezien staat of bij gelijkblijvende werktijden van de koelinstallatie, het zonder gevaar voor de machines mogelijk is minder smeermiddelen toe te passen. Deze brief is een zakelijke rapportage over het beheer en verbruik van smeerolie binnen een afdeling van het Amsterdamse Gemeente Energiebedrijf (GEB). De kern van het document is een inventarisatie van de aanwezige opslagmiddelen (drums en bussen) en een verantwoording over de mogelijkheden tot verdere bezuiniging.
Opvallend is de gedetailleerde tabel waarin niet alleen de inhoud en het huidige gebruik staan, maar ook het "oorspronkelijk gebruik" en de staat van de vaten en hun sluitingen. Dit wijst op een streng regime van hergebruik en onderhoud van schaarse materialen. De brief noemt een specifieke functionaris, hoofdopzichter T. Jonkman, die verantwoordelijk is gemaakt voor de oliebesparing, wat het belang van deze taak onderstreept.
In de slotparagraaf waarschuwt de schrijver voor de grenzen van de bezuiniging. Hoewel er al enorme besparingen zijn gerealiseerd in 1940 (bijna 69% op één oliesoort), wordt gesteld dat verdere reductie de machines in gevaar kan brengen, zeker gezien de belasting van het koelhuis. De datum, 21 juni 1941, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Smeerolie en brandstoffen waren strategische goederen die door de bezetter strikt werden gerantsoeneerd voor civiel gebruik. De enorme besparingspercentages die in de brief worden genoemd (68,8% en 33,5%) zijn een direct gevolg van de schaarste en de opgelegde distributiemaatregelen.
De "Centrale Noord" aan de Papaverweg in Amsterdam-Noord was een essentieel onderdeel van de stedelijke infrastructuur. Het handhaven van de bedrijfsvoering (zoals de koelinstallaties) met minimale middelen was een constante uitdaging voor de technici van het Energiebedrijf. De brief illustreert de bureaucratische werkelijkheid van die tijd: elke druppel olie en elk vat moest worden verantwoord om de continuïteit van de dienstverlening te waarborgen zonder de schaarse machines te beschadigen. T. Jonkman