Officieel rondschrijven (circulaire) van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officieel rondschrijven (circulaire) van de Gemeente Amsterdam. 21 december 1942. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris. Heeren Hoofden van Diensten, Bedrijven en Administratiën. [Stempel linksboven:] № 8^A/57/3
[Stempel middenboven:] M. 1942 [handgeschreven:] 22/12
GEMEENTE AMSTERDAM
Amsterdam, 21 December 1942
No. 100ca. Arb. 1941
Onderwerp: tijdelijke toelage 6 % voor het lager bezoldigd gehuwd gemeentepersoneel.
[Handgeschreven in de marge:] mij Dir / Th. Müller / H. Ruff / [paraaf]
Ten vervolge op mijn rondschrijven van 31 Augustus 1942, No. 100 bx Arb. 1941, betreffende het in aanmerking brengen van pensioen, wachtgeld of nonactiviteitsbezoldiging bij het bepalen van het grensbedrag van f 2000 voor de toekenning van de toelage van 6 % aan het lager bezoldigd gehuwd gemeentepersoneel, bericht ik U, dat de Secretaris-Generaal van het Departement van Binnenlandsche Zaken mij nader heeft medegedeeld, dat slechts rekening gehouden behoeft te worden met pensioen, wachtgeld of nonactiviteitsbezoldiging uit overheidskassen, Indische zoowel als Nederlandsche, en dat uit hoofde van practische overwegingen dergelijke inkomsten uit particuliere bronnen of instellingen buiten beschouwing kunnen blijven.
Ik verzoek U, voor zooveel noodig, deze gedragslijn te doen volgen.
De Burgemeester van Amsterdam,
[Handtekening: Edward Voûte]
de Gemeentesecretaris,
[Handtekening: Mahieu]
Aan Heeren Hoofden van Diensten, Bedrijven en Administratiën.
[Onderaan:] Stadsdrukkerij Amsterdam 25408-12-42-150
[Handgeschreven rechtsonder:] 43 / oud ... Dit document is een administratieve verduidelijking betreffende de arbeidsvoorwaarden van Amsterdams gemeentepersoneel tijdens de bezettingsjaren. Het onderwerp is een inflatie-correctie of armoedebestrijding: een "tijdelijke toelage van 6%" voor gehuwde ambtenaren die minder dan 2000 gulden per jaar verdienen.
De kern van de mededeling is een versoepeling van de vermogenstoets: bij het berekenen of iemand onder de grens van 2000 gulden valt, hoeft men voortaan alleen rekening te houden met andere inkomsten uit overheidskassen (inclusief die uit Nederlands-Indië). Inkomsten uit private pensioenfondsen of particuliere instellingen worden "uit hoofde van practische overwegingen" genegeerd. Dit betekende in de praktijk dat meer ambtenaren in aanmerking kwamen voor de toeslag. Het document dateert uit december 1942, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De burgemeester die het stuk ondertekende, Edward Voûte, was een door de Duitsers benoemde regeringscommissaris/burgemeester (een collaborateur), wat de formele toon en de verwijzing naar de Secretaris-Generaal van Binnenlandse Zaken verklaart. De Secretaris-Generaal was destijds Frederiks, die probeerde het Nederlandse bestuursapparaat draaiende te houden onder Duits toezicht.
De verwijzing naar "Indische" pensioenen is opmerkelijk: hoewel Nederlands-Indië op dat moment bezet was door Japan, liepen bepaalde administratieve verplichtingen en uitbetalingen aan verlofgangers of gepensioneerden in Nederland via het moederland door. Het document illustreert de voortdurende bureaucratie en de pogingen om de koopkracht van lagere ambtenaren enigszins te beschermen in een tijd van toenemende schaarste en inflatie. E.J. Vo H. Ruff Gemeente Amsterdam