Getypt afschrift van een officiële brief.
Origineel
Getypt afschrift van een officiële brief. 20 januari 1942. De Wethouder voor het Onderwijs van de Gemeente Amsterdam (W.G. Smit). De Wethouder voor het Marktwezen van de Gemeente Amsterdam. No.18/3/16 M.1941 22/1 AFSCHRIFT.
No.951 L.M.1941
GEMEENTE AMSTERDAM.
Aan den Heer Wethouder voor
het Marktwezen,
Afd.O No.4413 1941 Datum; 20 Januari 1942.
Bij dezen breng ik U in herinnering mijn schrijven van 11
November jl. No.4413 O betreffende de speeltuinen aan de Gaaspstraat,
de Joubertstraat en op het Waterlooplein.
Ik verzoek U de beantwoording van dit schrijven te bespoedigen.
De Wethouder voor het Onderwijs,
w.g.Smit. Deze brief is een zakelijke herinnering (rappèl) binnen het ambtelijk apparaat van de gemeente Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Wethouder voor Onderwijs verzoekt zijn collega van Marktwezen om spoed te zetten achter de beantwoording van een eerdere brief van 11 november 1941.
Het onderwerp van de correspondentie is specifiek: de speeltuinen aan de Gaaspstraat, de Joubertstraat en het Waterlooplein. De toon is formeel en licht dwingend ("Ik verzoek U [...] te bespoedigen"). De ondertekening "w.g. Smit" staat voor 'was getekend Smit', wat aangeeft dat dit een afschrift is van het originele document. De datum (januari 1942) en de genoemde locaties zijn van groot historisch belang. Tijdens de Duitse bezetting werden stapsgewijs maatregelen ingevoerd om Joodse burgers te isoleren. In 1941 werden Joodse Amsterdammers verbannen uit openbare parken en speeltuinen. Als gevolg hiervan werden specifieke locaties aangewezen als "Joodse speeltuinen", waar alleen Joodse kinderen mochten spelen.
De drie genoemde locaties bevonden zich in wijken met een grote Joodse populatie:
1. Gaaspstraat: Gelegen in de Rivierenbuurt.
2. Joubertstraat: Gelegen in de Transvaalbuurt.
3. Waterlooplein: Gelegen in het hart van de oude Joodse buurt.
W.G. Smit (Willem Smit) was ten tijde van deze brief de door de bezetter aangestelde NSB-wethouder van Onderwijs. De bemoeienis van de wethouder van Marktwezen heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat deze locaties (zoals het Waterlooplein) onder de jurisdictie van Marktwezen of Publieke Werken vielen wat betreft het beheer van de openbare ruimte. De brief is een administratief spoor van de segregatie en het beheer van de Joodse infrastructuur in bezet Amsterdam.