Officiële brief/geleidebrief van de Duitse bezettingsautoriteiten aan de burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Officiële brief/geleidebrief van de Duitse bezettingsautoriteiten aan de burgemeester van Amsterdam. 17 januari 1942. Der Beauftragte des Reichskommissars für die Stadt Amsterdam (De gemachtigde van de Rijkscommissaris voor de stad Amsterdam, destijds Hans Böhmcker). De burgemeester van de gemeente Amsterdam (destijds de pro-Duitse regeringscommissaris Edward Voûte). [Linksboven, handgeschreven in rood:] No 100/22
[Linksboven, stempel in rood:] A.Z. 1942
[Logo: Duitse adelaar met hakenkruis]
DER REICHSKOMMISSAR
FÜR DIE BESETZTEN NIEDERLÄNDISCHEN GEBIETE
DER BEAUFTRAGTE
FÜR DIE STADT AMSTERDAM
Akt. Verw.
[Rechtsboven, paarse stempels:]
№ 94/9 L.M. 1942 27/7
№ 18/3/34 M. 1942 30/1
AMSTERDAM, den 17.1.1942.
An den
Herrn Bürgermeister der Gemeinde
Amsterdam,
A m s t e r d a m ,
Rathaus.
[Onderwerp:] Betr.: Jüdischen Straßenhandel.
In der Anlage übersende ich eine Niederschrift über den Juden Hartog G o b i t s. Die dem Juden abgenommenen Ausweise
Legitimatie Centrale Markt Amsterdam
Erkennungskaart Ned. Groenten- en Fruithandel
füge ich in der Anlage bei.
[Handtekening, onleesbaar, mogelijk i.V. (in vertegenwoordiging)]
[Stempel rechtsonder in rood:] 21 JAN. 1942 Rétocé
[Stempel middenonder in blauw:] 23 JAN. 1942
[Linkermarge, paars kaderstempel van de Gemeente Amsterdam:]
A’dam, 28 Januari 1942
[Handgeschreven:] na verdere behandeling
[Linksonder, rood kaderstempel:]
No. 100/22
Art. Z. 1942
[Handgeschreven aantekeningen en parafen, gedateerd:] 26-1-1942 Dit document is een kil, bureaucratisch bewijsstuk van de systematische uitsluiting van Joden uit het economische leven in Nederland tijdens de bezetting.
De kern van de brief is de melding dat bij een Joodse Amsterdammer, Hartog Gobits, zijn beroepsvergunningen (voor de Centrale Markt en de groenten- en fruithandel) in beslag zijn genomen. De taal is ontmenselijkend; er wordt gesproken over "den Juden Hartog Gobits" en "die dem Juden abgenommenen Ausweise".
De vele stempels tonen de administratieve weg die de brief aflegde tussen de Duitse bezetter (de Beauftragte) en de Nederlandse gemeentelijke instanties. Het laat zien hoe de Nederlandse ambtenarij onder toezicht van de bezetter werd ingezet om anti-Joodse maatregelen uit te voeren. De term "na verdere behandeling" in het Amsterdamse stempel duidt op de verdere administratieve afhandeling van deze onttrekking van levensonderhoud. Begin 1942 bevond de vervolging van de Joden in Nederland zich in een fase van versnelling en uiterste administratieve precisie. Na de initiële isolatie in 1941, werden Joden in 1942 volledig uit hun beroepen en bedrijven verdreven ("Arisering" van de economie).
Het verbod op straathandel voor Joden was een van de vele verordeningen die bedoeld waren om hen volledig te isoleren en hun middelen van bestaan af te pakken. Hartog Gobits (geboren in 1895) was een van de vele marktkooplieden die hun werk niet meer mochten uitoefenen. De inbeslagname van deze papieren was vaak een voorbode van verdere vervolging. Volgens archieven (zoals het Joods Monument) is Hartog Gobits in 1942 gedeporteerd en in augustus 1942 vermoord in Auschwitz. Dit schijnbaar banale briefje over ingenomen vergunningen vormt dus een directe schakel in de keten van gebeurtenissen die leidde tot de Holocaust.