Handgeschreven ambtelijk routebriefje of interne notitie.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk routebriefje of interne notitie. [Links boven]
Hr. de Wolff,
Ter kennisneming
[paraf] 23/10 '12
[Midden links, blauw stempel met handtekening]
GEZIEN
DE INSPECTEUR,
[handtekening: deHaas]
[Rechts boven]
Betaling heeft plaats-
gevonden is weer opge-
voerd.
[paraf]
[Midden rechts]
Hr. de Wolff,
indien betaling plaats
vindt kan d. niet meer
ingevord.
[paraf] 26/10 '12
[Onder]
Driebergen
[paraf] 2/11 '12 Dit document vormt een administratieve 'papieren spoor' betreffende een financiële afhandeling.
* Workflow: De notitie begint als een mededeling ter kennisgeving aan de heer De Wolff. De inspecteur valideert dit met een stempel.
* Inhoud: Er is sprake van een betaling die is verricht, waarna de bijbehorende post blijkbaar weer is "opgevoerd" (geregistreerd). De instructie van 26 oktober verduidelijkt dat indien de betaling definitief is, er niet meer "ingevord." (ingevorderd) kan worden. Dit wijst op een proces van invordering dat gestaakt moet worden na ontvangst van gelden.
* Taalgebruik: Het gebruik van afkortingen zoals "d." (dat/deze) en "ingevord." (ingevorderd) is typerend voor snelle ambtelijke correspondentie uit die periode. Het document past binnen de vroege 20e-eeuwse Nederlandse overheidsadministratie (1912), mogelijk de belastingdienst of een gemeentelijke ontvanger in de regio Driebergen. In deze tijd werden dergelijke losse briefjes gebruikt om dossiers fysiek te begeleiden en ambtenaren van instructies te voorzien zonder het hele dossier opnieuw te hoeven beschrijven. De rol van de inspecteur duidt op een hiërarchische controle op de werkzaamheden van de heer De Wolff. Genoemd worden "Hr. de Wolff" en een "Inspecteur" (de handtekening onder het stempel leest waarschijnlijk als 'deHaas').