Archief 745
Inventaris 745-375
Pagina 127
Dossier 29
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven brief op briefpapier.

16 februari 1942. Van: M. Drukker, gevestigd aan de Oude Schans 58, Amsterdam-C. Aan: De Directeur van het Marktwezen te Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief op briefpapier. 16 februari 1942. M. Drukker, gevestigd aan de Oude Schans 58, Amsterdam-C. De Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. [Briefhoofd]
M. DRUKKER
OUDE SCHANS 58. AMSTERDAM-C.
No 30/9/1 M. 1942 10/2
A.dam. 16 Feb 1942.
No 8613/2 M.

[Kantlijnnotitie, diagonaal]
Verl. informatie
13-2-’42
ontvangen
[Paraaf] 25/2 ’42

[Inhoud]
Aan den Directeur van het Marktwezen
te Amsterdam

Hierdoor bericht ik U dat ik Vrijdag 13 Februari weer uit het ziekenhuis ben gekomen. Aangezien dat ik nog erg slap te been ben. Daar ik een operatie heb ondergaan vraag ik U nog een paar weken vrijstelling van het bezetten van mijn plaats op het v.h. Waterlooplein. Het marktgeld van af die datum wil ik wel weer betalen. Hoop spoedig mijn legitimatiekaart ten kantore bij U weer terug te halen.

Teken ik Hoog achtend
M. Drukker [handtekening] * Toon en taal: De brief is geschreven in een formele, beleefde stijl, zoals gebruikelijk in die tijd voor correspondentie met overheidsinstanties.
* Kernboodschap: De heer Drukker informeert de directie dat hij na een operatie op 13 februari uit het ziekenhuis is ontslagen, maar fysiek nog te zwak is om zijn werk op de markt te hervatten. Hij vraagt om een vrijstelling van de bezettingsplicht voor enkele weken, maar benadrukt dat hij bereid is het marktgeld (de staangeldvergoeding) door te betalen om zijn recht op de plek te behouden.
* Opvallende details:
* De afkorting "v.h." (voorheen) bij Waterlooplein kan duiden op de administratieve herindeling van markten onder het bezettingsbestuur.
* De vermelding van de "legitimatiekaart" die nog op het kantoor van het Marktwezen ligt, wijst op de strikte regulering van marktkooplieden tijdens de oorlogsjaren.
* De aantekeningen in de kantlijn tonen de ambtelijke verwerking van het verzoek. Deze brief is gedateerd februari 1942, een cruciale periode in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De Oude Schans en het Waterlooplein bevonden zich in het hart van de oude Joodsche buurt.

In 1941 en 1942 voerden de bezettingsautoriteiten steeds strengere anti-Joodse maatregelen in. Joodse marktkooplieden werden vanaf september 1941 geweerd van reguliere markten en mochten alleen nog handelen op speciaal aangewezen "Joodsche markten", waarvan het Waterlooplein er één was.

De schrijver, M. Drukker, probeert ondanks zijn ziekte zijn economische positie (de marktplaats) te behouden door aan zijn financiële verplichtingen (het marktgeld) te willen voldoen. Dit document is een treffend voorbeeld van hoe het dagelijks leven en kleine persoonlijke zorgen (zoals herstel na een operatie) doorgingen te midden van de bureaucratische druk en de toenemende restricties van het bezettingsregime, vlak voordat de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam zouden beginnen.

Samenvatting

  • Toon en taal: De brief is geschreven in een formele, beleefde stijl, zoals gebruikelijk in die tijd voor correspondentie met overheidsinstanties.
  • Kernboodschap: De heer Drukker informeert de directie dat hij na een operatie op 13 februari uit het ziekenhuis is ontslagen, maar fysiek nog te zwak is om zijn werk op de markt te hervatten. Hij vraagt om een vrijstelling van de bezettingsplicht voor enkele weken, maar benadrukt dat hij bereid is het marktgeld (de staangeldvergoeding) door te betalen om zijn recht op de plek te behouden.
  • Opvallende details:
    • De afkorting "v.h." (voorheen) bij Waterlooplein kan duiden op de administratieve herindeling van markten onder het bezettingsbestuur.
    • De vermelding van de "legitimatiekaart" die nog op het kantoor van het Marktwezen ligt, wijst op de strikte regulering van marktkooplieden tijdens de oorlogsjaren.
    • De aantekeningen in de kantlijn tonen de ambtelijke verwerking van het verzoek.

Historische Context

Deze brief is gedateerd februari 1942, een cruciale periode in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De Oude Schans en het Waterlooplein bevonden zich in het hart van de oude Joodsche buurt.

In 1941 en 1942 voerden de bezettingsautoriteiten steeds strengere anti-Joodse maatregelen in. Joodse marktkooplieden werden vanaf september 1941 geweerd van reguliere markten en mochten alleen nog handelen op speciaal aangewezen "Joodsche markten", waarvan het Waterlooplein er één was.

De schrijver, M. Drukker, probeert ondanks zijn ziekte zijn economische positie (de marktplaats) te behouden door aan zijn financiële verplichtingen (het marktgeld) te willen voldoen. Dit document is een treffend voorbeeld van hoe het dagelijks leven en kleine persoonlijke zorgen (zoals herstel na een operatie) doorgingen te midden van de bureaucratische druk en de toenemende restricties van het bezettingsregime, vlak voordat de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam zouden beginnen.

Kooplieden in dit dossier 14

Gerelateerde Documenten 6