Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekeningen. 24 november 1942. De Directeur (waarnemend), vermoedelijk van de Dienst der Marktwezen of een gelieerde Amsterdamse gemeentedienst. Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier"). [Handgeschreven:] H Muller
[Handgeschreven:] Verzonden 24/11
[Getypt:] HB.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
37/4/34 M. 3. 24 November 1942.
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen geworden:
twee contracten in duplo ten name van C.Ooms, betreffende
huur van de pakhuisafdeelingen E.11 c van pier E en M.3 van
pier M op de Centrale Markt;
één contract in duplo ten name van S.Zuiker, betreffende
huur van pakhuisafdeeling D.23 van pier D op de Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken de onderteekening van deze
contracten door den heer Burgemeester te willen bevorderen; daarna
gelieve U ze mij te doen terugzenden, teneinde voor registratie
te kunnen zorgdragen.
De Directeur,
wnd. Deze brief betreft de administratieve afhandeling van huurcontracten voor opslagruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De waarnemend directeur verzoekt de Wethouder voor de Levensmiddelen om de handtekening van de burgemeester te bemachtigen voor drie contracten:
1. Twee contracten voor C. Ooms voor pakhuissecties op Pier E (E.11c) en Pier M (M.3).
2. Eén contract voor S. Zuiker voor een pakhuissectie op Pier D (D.23).
De toon is uiterst formeel ("heb ik de eer U te doen geworden", "Ik moge U beleefd verzoeken"). De handgeschreven notitie "Verzonden 24/11" bevestigt dat de brief op de dag van datering is uitgegaan. De datum, 24 november 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934) was in deze periode van cruciaal belang voor de voedselvoorziening van de stad. De distributie van levensmiddelen stond onder streng toezicht van de bezetter en het Nederlandse bestuur.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was een specifieke functie binnen het college van B&W dat zich bezighield met de complexe logistiek van voedsel tijdens de schaarste van de oorlogsjaren. Het feit dat de burgemeester de contracten moest ondertekenen, wijst op de officiële en juridische zwaarte van vastgoedtransacties op het marktterrein.
In deze periode werden veel Joodse handelaren van de markt verdreven en hun vergunningen of huurcontracten ingetrokken. Hoewel uit dit document niet direct blijkt of de genoemde personen (Ooms en Zuiker) nieuwe huurders zijn of bestaande contracten verlengen, past het in de bredere administratieve geschiedenis van de markt onder bezettingstijd. De Centrale Markthallen zijn tegenwoordig een rijksmonument en een belangrijk overblijfsel van de Amsterdamse handelsgeschiedenis. C. Ooms S. Zuiker Marktwezen