Ambtelijk memorandum / brief.
Origineel
Ambtelijk memorandum / brief. 6 maart 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen of een verwante gemeentelijke afdeling). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen. [Handgeschreven in blauw potlood, bovenaan gecentreerd:]
Verzonden 6/3
[Rechtsboven:]
HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
39/27/1 M. [Tab] 6 Maart 1942.
Intrekking standplaats-
vergunningen.
Onderstaande vergunninghouders blijven ondanks herhaalde aanmaningen in gebreke hun schuld te voldoen, weshalve ik de eer heb U voor te stellen de op hen betrekking hebbende beschikkingen te doen intrekken.
De Directeur,
W.Dubie, Bellamystraat 12a III [Tab] no.5/467 L.M.1940
H.Kalse, Noorderstraat 87 II [Tab] no.5/124 L.M.1940
G.F.Nadort, Gr.Wittenburgerstraat 156 hs [Tab] no.764 L.M.1939
A.F.de Vries, Govert Flinckstraat 185 II [Tab] no.764 L.M.1939
F.v.d.Zee, Davisstraat 36 III [Tab] no.5/64 L.M.1941 Dit typegetypte document is een formeel verzoek van een gemeentelijk directeur aan de bevoegde wethouder om de vergunningen voor marktstandplaatsen van vijf specifieke personen in te trekken. De opgegeven reden is dat deze personen, ondanks eerdere waarschuwingen (aanmaningen), hun financiële verplichtingen aan de gemeente niet zijn nagekomen.
De lijst bevat de namen van de vergunninghouders, hun woonadressen in Amsterdam en de specifieke vergunningsnummers. De afkorting "L.M." in de nummers staat hoogstwaarschijnlijk voor "Levensmiddelen", wat correspondeert met de portefeuille van de geadresseerde wethouder. De jaartallen (1939, 1940, 1941) verwijzen naar het jaar waarin de betreffende vergunning of beschikking is afgegeven.
De adressen bevinden zich in diverse Amsterdamse wijken:
* Bellamystraat: Oud-West.
* Noorderstraat: Centrum (Weteringbuurt).
* Gr. Wittenburgerstraat: Oostelijke Eilanden.
* Govert Flinckstraat: De Pijp.
* Davisstraat: De Baarsjes (West). Het document is gedateerd op 6 maart 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens de oorlogsjaren was de distributie en verkoop van voedsel ("Levensmiddelen") een van de meest cruciale en strengst gecontroleerde overheidstaken. De wethouder voor de Levensmiddelen in Amsterdam had in deze periode een grote verantwoordelijkheid in het beheer van de schaarste.
De intrekking van een standplaatsvergunning was een zware maatregel. Voor kleine handelaren betekende dit het directe verlies van hun bron van inkomsten in een tijd van grote economische onzekerheid en schaarste.
Hoewel de brief een louter administratieve reden noemt (wanbetaling), is het relevant te weten dat de bezetter in deze periode ook actief bezig was met het weren van specifieke groepen, met name Joodse Amsterdammers, uit het economische leven en de markthandel. In dit specifieke document wordt daar echter niet expliciet aan gerefereerd; de focus ligt hier op de handhaving van de gemeentelijke leges of pacht. De handgeschreven aantekening "Verzonden 6/3" wijst op de efficiënte administratieve afhandeling van dergelijke sancties.