Dienstmemo / ambtelijk bijblad van de gemeente (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de straatnaam).
Origineel
Dienstmemo / ambtelijk bijblad van de gemeente (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de straatnaam). [In stempelkader linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 39/34/I 1942
DOORGEZONDEN: 19/3-'42.
[Bovenaan midden:]
Iepenweg 6 II
[Bovenaan rechts:]
254
[Hoofdtekst:]
Sewaas is door
controleurs en politie
van standplaats verwij-
derd.
S. is door mij in overwe-
ging gegeven, zelfstandig een
standplaats aan te vragen.
Hem nadrukkelijk gewezen op het
verbod om voor een Jood
handel te mogen drijven.
[Marginale notities rechts en onder:]
Oproepen
20-3-'42
[Handtekening, mogelijk Alblas]
p 20/3 - 9 1/2 - 12
Zal aan Weth.
schrijven
Opbergen
7-4-'42
[Handtekening]
H.A. 11/4 42
15-4-42 [Handtekening] Het document betreft een ambtelijke notitie over een persoon genaamd Sewaas (vermoedelijk een straathandelaar of marktkoopman). Uit de tekst blijkt dat Sewaas door controleurs en de politie van zijn standplaats is verwijderd.
De ambtenaar die de notitie schreef, meldt dat hij Sewaas heeft geadviseerd om zelfstandig een standplaats aan te vragen. De meest saillante passage is de waarschuwing die Sewaas kreeg: hem is "nadrukkelijk gewezen op het verbod om voor een Jood handel te mogen drijven."
De administratieve afhandeling is zichtbaar in de kantlijn: Sewaas werd opgeroepen voor een gesprek op 20 maart 1942, er zou naar de wethouder geschreven worden, en het dossier werd uiteindelijk op 7 april 1942 (met een laatste paraaf op 15 april) opgeborgen. Dit document dateert uit het voorjaar van 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De context is die van de toenemende uitsluiting van Joodse burgers uit het economische leven.
De bezetter vaardigde diverse verordeningen uit die het Joden verboden om handel te drijven of bedrijven te bezitten. Ook was het voor niet-Joden verboden om als stroman of 'zaakwaarnemer' voor Joodse ondernemers op te treden. Deze notitie toont aan hoe de lokale bureaucratie (politie en marktcontroleurs) strikt toezag op de naleving van deze discriminerende maatregelen op straatniveau. De vermelding van de Iepenweg suggereert dat dit zich in Amsterdam-Oost afspeelde, een buurt met in die tijd een aanzienlijke Joodse populatie. M. No Politie