Archief 745
Inventaris 745-379
Pagina 156
Dossier 17
Jaar 1942
Stadsarchief

Officieel afschrift van een burgemeestersbesluit.

26 mei 1942 (met terugwerkende kracht tot 13 januari 1942).

Origineel

Officieel afschrift van een burgemeestersbesluit. 26 mei 1942 (met terugwerkende kracht tot 13 januari 1942). [Linksboven, handgeschreven:] 39/65/135
[Getypt:] Afschrift
No. 223 L. M. 1942 [getal '223' en jaartal '2' handgeschreven/ingevuld]

[Midden boven: Wapen van Amsterdam]

[Rechtsboven, handgeschreven initialen en paraaf:] MW / [Paraaf in blauwe inkt]

DE BURGEMEESTER VAN AMSTERDAM,

Heeft goedgevonden de aan Eliazer de Groot, geboren 2 October 1884, wonende Lepelstraat 38, bij beschikking dd. 4 Januari 1940, no. 764 L.M. verleende vergunning tot het innemen van een vaste standplaats, ten verkoop van fruit, op den openbaren weg, het verhoogde voetpad, gelegen om het plantsoen, nabij den middenweg van het Weesperplein tegenover no. 4, bij deze, gerekend te zijn ingegaan 13 Januari 1942, in te trekken.

GM

Amsterdam, 26 Mei 1942.
De Burgemeester voornoemd,

(get.) Voûte [paarse stempel]

De Gemeentesecretaris,

(get.) J. F. FRANKEN [paarse stempel]

[Linksonder:] K 350 Dit document is een administratieve neerslag van de Jodenvervolging in bezet Nederland. Het betreft de intrekking van een ventvergunning van een Joodse Amsterdammer, Eliazer de Groot.

Kernpunten:
1. De maatregel: De vergunning, die vlak voor de oorlog (januari 1940) legaal was verleend, wordt formeel ingetrokken. Dit gebeurt op basis van de anti-Joodse verordeningen van de bezetter.
2. Terugwerkende kracht: Hoewel het document gedateerd is op 26 mei 1942, gaat de intrekking in op 13 januari 1942. Dit sluit aan bij de invoering van Verordening 199/1941, die het Joden verbood om nog langer handel te drijven op markten of via standplaatsen.
3. Betrokkenen: Edward Voûte was de door de Duitsers aangestelde NSB-burgemeester van Amsterdam. Zijn handtekening (hier als 'getekend' afschrift) onderstreept de medewerking van het gemeentebestuur aan de uitsluiting van Joodse burgers.
4. Locatie: De standplaats bevond zich op het Weesperplein, destijds een centraal punt in de Joodse buurt van Amsterdam. De intrekking van standplaatsvergunningen was een doelbewuste methode om Joodse burgers hun middelen van bestaan te ontnemen (Entjudung van de economie). Nadat Joden in 1941 al uit overheidsdienst waren ontslagen, volgde in 1942 de systematische uitsluiting van zelfstandige ondernemers en straathandelaren.

Eliazer de Groot: Uit historische bronnen (zoals de database van het Joods Monument) blijkt dat Eliazer de Groot inderdaad slachtoffer werd van de Holocaust. Hij woonde ten tijde van dit document in de Lepelstraat, een zijstraat van de Weesperstraat. Hij is op 20 juli 1943 vermoord in het vernietigingskamp Sobibor. Dit schijnbaar 'droge' administratieve document markeert dus een vroege stap in het proces dat leidde tot zijn deportatie en dood.

Samenvatting

Dit document is een administratieve neerslag van de Jodenvervolging in bezet Nederland. Het betreft de intrekking van een ventvergunning van een Joodse Amsterdammer, Eliazer de Groot.

Kernpunten:
1. De maatregel: De vergunning, die vlak voor de oorlog (januari 1940) legaal was verleend, wordt formeel ingetrokken. Dit gebeurt op basis van de anti-Joodse verordeningen van de bezetter.
2. Terugwerkende kracht: Hoewel het document gedateerd is op 26 mei 1942, gaat de intrekking in op 13 januari 1942. Dit sluit aan bij de invoering van Verordening 199/1941, die het Joden verbood om nog langer handel te drijven op markten of via standplaatsen.
3. Betrokkenen: Edward Voûte was de door de Duitsers aangestelde NSB-burgemeester van Amsterdam. Zijn handtekening (hier als 'getekend' afschrift) onderstreept de medewerking van het gemeentebestuur aan de uitsluiting van Joodse burgers.
4. Locatie: De standplaats bevond zich op het Weesperplein, destijds een centraal punt in de Joodse buurt van Amsterdam.

Historische Context

De intrekking van standplaatsvergunningen was een doelbewuste methode om Joodse burgers hun middelen van bestaan te ontnemen (Entjudung van de economie). Nadat Joden in 1941 al uit overheidsdienst waren ontslagen, volgde in 1942 de systematische uitsluiting van zelfstandige ondernemers en straathandelaren.

Eliazer de Groot: Uit historische bronnen (zoals de database van het Joods Monument) blijkt dat Eliazer de Groot inderdaad slachtoffer werd van de Holocaust. Hij woonde ten tijde van dit document in de Lepelstraat, een zijstraat van de Weesperstraat. Hij is op 20 juli 1943 vermoord in het vernietigingskamp Sobibor. Dit schijnbaar 'droge' administratieve document markeert dus een vroege stap in het proces dat leidde tot zijn deportatie en dood.

Locaties

De standplaats bevond zich op het Weesperplein destijds een centraal punt in de Joodse buurt van Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 23

A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
G. J. Roseboom Uilenburg 764 '39
K. Rozeboom Uilenburg 764 '39
G. Zwaaf-Pront. Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
R. Hooft Uilenburg van de vier grootouders van zijn echtgenoote zijn meer dan twee van Joodschen bloede.
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
J. Zwaaf-Front Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41

Gerelateerde Documenten 6