Archief 745
Inventaris 745-379
Pagina 182
Dossier 29
Jaar 1942
Stadsarchief

Afschrift van een officieel besluit (beschikking) van de gemeente Amsterdam.

4 juni 1942 (met terugwerkende kracht tot 13 januari 1942).

Origineel

Afschrift van een officieel besluit (beschikking) van de gemeente Amsterdam. 4 juni 1942 (met terugwerkende kracht tot 13 januari 1942). [Linksboven, handgeschreven/stempel:]
MD
39/65/162

Afschrift
No. 223 L. M. 1942

[Midden boven: Rijkswapen van Amsterdam]

[Rechtsboven, handgeschreven in rood en zwart potlood:]
JW
fr. mulder
[Schuine rode streep]
[Vervaagde paarse stempel]

[Hoofdtekst:]
De BURGEMEESTER ~~EN WETHOUDERS~~ VAN AMSTERDAM,

Heeft goedgevonden de aan Benjamin Waterman, geboren 28 December 1881, wonende St. Antoniebreestraat 73 II, bij beschikking dd. 6 December 1939, no. 5/193 L.M. verleende vergunning tot het innemen van een vaste standplaats, ten verkoop van versche visch, op den openbaren weg, den rijweg van de Houtkoopersdwarsstraat tegenover de zijgevel van perceel Waterlooplein 25, bij deze gerekend te zijn ingegaan 13 Januari 1942, in te trekken.
GM

[Rechtsonder:]
Amsterdam, 4 Juni 1942.
De Burgemeester voornoemd,
get. Voûte

De Gemeentesecretaris,
get. J.F. Franken * Administratieve wijziging: In de aanhef is "EN WETHOUDERS" doorgestreept. Dit weerspiegelt de bestuurlijke realiteit onder de Duitse bezetting, waarbij de macht van het college van B&W was ingeperkt en de burgemeester (vaak een NSB-sympathisant of collaborateur) directere bevoegdheden kreeg.
* De betrokkene: Benjamin Waterman woonde in de Sint Antoniebreestraat, in het hart van de toenmalige Jodenbuurt. Zijn standplaats bevond zich in de Houtkoopersdwarsstraat bij het Waterlooplein, een centrale plek voor de vismarkt in die wijk.
* Juridische grondslag: De intrekking gebeurt met een aanzienlijke terugwerkende kracht (van juni terug naar januari 1942). Dit wijst op een administratieve formalisering van een situatie die in de praktijk al was afgedwongen.
* Ondertekening: Het document is ondertekend door E.J. Voûte, de regeringscommissaris/burgemeester van Amsterdam tijdens de bezetting, en gemeentesecretaris J.F. Franken. Dit document is een direct bewijsstuk van de economische uitsluiting van Joodse burgers tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1941 en 1942 voerden de Duitse bezetters, met medewerking van het Amsterdamse ambtenarenapparaat, een reeks verordeningen in die Joden verboden om marktkramen te exploiteren of handel te drijven op openbare markten.

De datum van intrekking (13 januari 1942) valt samen met de periode waarin Joden systematisch uit het economische leven werden verwijderd. Benjamin Waterman, de visboer in kwestie, werd door deze maatregel beroofd van zijn middel van bestaan. Uit historische bronnen (zoals de database van het Joods Monument) blijkt dat Benjamin Waterman later dat jaar, op 17 september 1942, is vermoord in Auschwitz. Dit document markeert een van de bureaucratische stappen in het proces van rechteloosmaking dat aan zijn deportatie voorafging.

Samenvatting

  • Administratieve wijziging: In de aanhef is "EN WETHOUDERS" doorgestreept. Dit weerspiegelt de bestuurlijke realiteit onder de Duitse bezetting, waarbij de macht van het college van B&W was ingeperkt en de burgemeester (vaak een NSB-sympathisant of collaborateur) directere bevoegdheden kreeg.
  • De betrokkene: Benjamin Waterman woonde in de Sint Antoniebreestraat, in het hart van de toenmalige Jodenbuurt. Zijn standplaats bevond zich in de Houtkoopersdwarsstraat bij het Waterlooplein, een centrale plek voor de vismarkt in die wijk.
  • Juridische grondslag: De intrekking gebeurt met een aanzienlijke terugwerkende kracht (van juni terug naar januari 1942). Dit wijst op een administratieve formalisering van een situatie die in de praktijk al was afgedwongen.
  • Ondertekening: Het document is ondertekend door E.J. Voûte, de regeringscommissaris/burgemeester van Amsterdam tijdens de bezetting, en gemeentesecretaris J.F. Franken.

Historische Context

Dit document is een direct bewijsstuk van de economische uitsluiting van Joodse burgers tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1941 en 1942 voerden de Duitse bezetters, met medewerking van het Amsterdamse ambtenarenapparaat, een reeks verordeningen in die Joden verboden om marktkramen te exploiteren of handel te drijven op openbare markten.

De datum van intrekking (13 januari 1942) valt samen met de periode waarin Joden systematisch uit het economische leven werden verwijderd. Benjamin Waterman, de visboer in kwestie, werd door deze maatregel beroofd van zijn middel van bestaan. Uit historische bronnen (zoals de database van het Joods Monument) blijkt dat Benjamin Waterman later dat jaar, op 17 september 1942, is vermoord in Auschwitz. Dit document markeert een van de bureaucratische stappen in het proces van rechteloosmaking dat aan zijn deportatie voorafging.

Kooplieden in dit dossier 23

A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
G. J. Roseboom Uilenburg 764 '39
K. Rozeboom Uilenburg 764 '39
G. Zwaaf-Pront. Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
R. Hooft Uilenburg van de vier grootouders van zijn echtgenoote zijn meer dan twee van Joodschen bloede.
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
J. Zwaaf-Front Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41

Gerelateerde Documenten 6