Officieel afschrift van een besluit van de Burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Officieel afschrift van een besluit van de Burgemeester van Amsterdam. [Handgeschreven, linksboven:] 39/65/99
[Handgeschreven, middenboven:] 20/5
[Handgeschreven, rechtsboven:] PM [gevolgd door een onleesbare handtekening, mogelijk H. Müller]
Afschrift
No. 223 L. M. 1942$^2$.
[Wapen van de Stad Amsterdam]
DE BURGEMEESTER VAN AMSTERDAM,
Heeft goedgevonden de aan
Eliazer Pels,
geboren 1 Mei 1901, wonende Foeliestraat 34 bij beschikking d.d.
17 Mei 1940, No. 5/126 L.M. 1940 verleende vergunning tot het inne-
men van een vaste standplaats ten verkoop van consumptieijs [(handgeschreven:) e.a. artikelen] op den
openbaren weg, het verhoogde voetpad van de Plantage Parklaan, tegen-
over perceel No.10, bij deze, gerekend te zijn ingegaan 13 Januari 1942,
in te trekken.
vli
[Stempel:] 13 MEI 1942
Amsterdam, 1942.
De Burgemeester voornoemd,
[Stempel in paars:] (get.) Voûte
de Gemeentesecretaris,
[Stempel in paars:] (get.) J. F. FRANKEN Dit document is een administratief bewijsstuk van de systematische uitsluiting van Joodse burgers uit het economische leven in Nederland tijdens de Duitse bezetting.
- De betrokkene: Eliazer Pels woonde aan de Foeliestraat 34, in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. De vergunning die hij op 17 mei 1940 kreeg (vlak na de Nederlandse capitulatie), wordt hier met terugwerkende kracht ingetrokken.
- De autoriteiten: Het besluit is genomen onder de verantwoordelijkheid van Edward John Voûte, de door de bezetter benoemde regeringscommissaris/burgemeester van Amsterdam.
- Handgeschreven toevoeging: De toevoeging "(e.a. artikelen)" (en andere artikelen) bij de omschrijving van de handel wijst erop dat de vergunning breder was dan enkel ijsverkoop, maar dat de gehele nering werd beëindigd.
- Datum en context: Hoewel het document op 13 mei 1942 is opgemaakt, gaat de intrekking in op 13 januari 1942. Dit sluit aan bij de golf van verordeningen in begin 1942 die Joodse straathandelaren en marktkooplieden hun vergunningen ontnamen. Dit afschrift vormt een onderdeel van de 'papieren bureaucratie' die voorafging aan de fysieke deportatie van de Joodse bevolking. Door het intrekken van vergunningen werden Joodse Amsterdammers eerst van hun middelen van bestaan beroofd (broodroof), waardoor zij volledig afhankelijk en kwetsbaar werden.
Uit historische bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat Eliazer Pels slechts twee maanden na de datum op dit document, op 14 juli 1942, in Auschwitz is vermoord. De administratieve afhandeling van het intrekken van zijn standplaats op de Plantage Parklaan was een directe stap in het proces van rechteloosmaking dat uitmondde in de Holocaust. De Plantage Parklaan zelf lag aan de rand van de Joodse wijk en nabij de Hollandsche Schouwburg, de plek die later in 1942 de verzamelplaats zou worden voor deportaties.