Officieel rondschrijven (circulaire) van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officieel rondschrijven (circulaire) van de Gemeente Amsterdam. 21 april 1942. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (M.F. Franken). Heeren Hoofden van administratiën, diensten en bedrijven. P/B. Nº 43/17/1 M. 1942 22/4 30/4/42 #8
GEMEENTE AMSTERDAM.
No. 520a Arb. 1942.
Onderwerp:
Standpunt ambtenaren t.o.v. de N.S.B.
(Handgeschreven aantekeningen:)
1 ex. Dagm. 30/4-42
1 ex. Mechm.
1 ex. Gr. Brouw.
1 ex. Gr. Jackman.
AMSTERDAM, 21 April 1942.
Hierbij deel ik U mede, dat ik van den Secretaris-Generaal van het Departement van Binnenlandsche Zaken, d.d. 25 Maart 1942, onder No. U 8452 Afd. B.B.Bur.St. en A.R. een rondschrijven heb ontvangen, luidende als volgt:
"Mij is gebleken, dat sommige burgemeesters in strijd met het gestelde in mijn circulaire van 14 Februari 1941, No. 51346, afdeeling Ambtenarenzaken, aan het gemeentepersoneel o.m. hebben gevraagd, in hoeverre zij sympathiseeren met de Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland. In verband hiermede heb ik mij met de Duitsche autoriteiten in verbinding gesteld. De Generalkommissar für Verwaltung und Justiz heeft mij daarop bij schrijven van 19 Maart j.l. het volgende medegedeeld:
"Op 8 Februari 1941 heb ik den Secretarissen-Generaal medegedeeld, dat het niet in de bedoeling ligt, van de ambtenaren en andere personen in overheidsdienst verklaringen over hun standpunt ten opzichte van de N.S.B. te vorderen. Laatstelijk op 23 Februari 1942 deelde ik, in verband met een desbetreffende vraag, mede, dat deze richtlijn van kracht blijft. Wanneer echter, tegelijk met andere vragen, b.v. naar den leeftijd, de geboorteplaats, den godsdienst en dergelijke persoonlijke aangelegenheden ook gevraagd wordt, of een lid van het overheidspersoneel bij de N.S.B. aangesloten is, bestaat hiertegen geen bezwaar. Het is echter niet geoorloofd ambtenaren of andere personen in openbaren dienst, die niet bij deze beweging aangesloten zijn, te vragen, of zij met de N.S.B. sympathiseeren."
In verband hiermede geef ik U bij dezen de aanwijzing, aan het vorenstaande stipt de hand te houden.
Ik verzoek U de ambtenaren en het overig personeel van Uwe gemeente dienovereenkomstig in te lichten."
Ik verzoek U wel het hiervoorgande op de daarvoor gebruikelijke wijze ter kennis te brengen van het bij Uw diensttak werkzaam zijnde personeel.
Het schrijven van den Secretaris-Generaal voornoemd, d.d. 14 Februari 1941, No. 51346, afd. Ambtenarenzaken, werd te Uwer kennis gebracht bij het rondschrijven van Burgemeester en Wethouders, d.d. 24 Februari 1941, No. 305a Arb.
De Burgemeester van Amsterdam,
(Getekend: Voûte)
de Gemeentesecretaris,
(Getekend: M.F. Franken)
Aan Heeren Hoofden van administratiën, diensten en bedrijven.
Arb.Z., Stadhuis,
April '42, A'dam. * Kernboodschap: De circulaire verduidelijkt de regels omtrent het polsen van de politieke gezindheid van ambtenaren. Het is verboden om te vragen naar "sympathie" voor de N.S.B., maar het is wél toegestaan om te vragen naar feitelijk lidmaatschap, mits dit gebeurt in de context van algemene personeelsgegevens (zoals leeftijd of religie).
* Administratieve hiërarchie: Het document toont de keten van bevelvoering tijdens de bezetting: de Duitse Generalkommissar für Verwaltung und Justiz (Friedrich Wimmer) geeft richtlijnen aan de Nederlandse Secretaris-Generaal van Binnenlandse Zaken (K.J. Frederiks), die deze weer doorgeeft aan de burgemeesters.
* Juridisch nuanceverschil: Er wordt een scherp onderscheid gemaakt tussen een "overtuiging" (sympathie) en een "gegeven" (lidmaatschap). Dit lijkt een poging om enerzijds de N.S.B. te faciliteren (door leden in kaart te brengen) en anderzijds te voorkomen dat anti-Duitse ambtenaren direct worden gedwongen hun mening te geven, wat tot grootschalige ontslagen of onrust zou kunnen leiden.
* Toon: De toon is strikt zakelijk en bureaucratisch, kenmerkend voor de bestuurlijke collaboratie/aanpassing tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dit document stamt uit april 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de grip op het Nederlandse ambtenarenapparaat verstevigde. Edward Voûte, die het document ondertekende, was door de Duitsers benoemd tot burgemeester van Amsterdam nadat de democratische gemeenteraad buitenspel was gezet.
De kwestie van de "politieke betrouwbaarheid" van ambtenaren was een constant spanningsveld. Veel ambtenaren probeerden hun werk te blijven doen zonder expliciet kleur te bekennen. De N.S.B. probeerde via de overheid invloed te winnen, maar stuitte vaak op passieve weerstand. Deze circulaire is een voorbeeld van hoe de bezetter en de meewerkende topambtenaren probeerden deze spanningen te kanaliseren door middel van zeer specifieke administratieve voorschriften. Het verbod op het vragen naar "sympathie" kan worden gezien als een tijdelijke concessie om het overheidsapparaat draaiende te houden zonder directe confrontaties uit te lokken.