Financieel overzicht / specificatie van ontvangen goederen.
Origineel
Financieel overzicht / specificatie van ontvangen goederen. 19 januari 1942 (datum van afhandeling/stempel). [Bovenaan de pagina]
Ontvangen in de week van 11 t/m 17 Januari 1942 aan mossen
1134 balen à f 0,25 per baal f 283,50
te betalen aan Centraal Inkoopkantoor v. Mossen 255,15
[Midden, koptekst]
Specificatie
[Tabeloverzicht]
13 Jan '42. Spoor Rulens 190 balen f 47,50 Aangekomen
" " Werringbroek 390 " 97,50 10 Jan '42
15 " " idem 354 " 88,50 12 " "
17 " " Spoor Rulens 200 " 50.- 13 " "
------- ------- 16 " "
1134 balen f 283,50
========== ========
[Onderaan de optelling]
= 567 hon[derdtallen] van 100 kg.
[Links onderaan, in rood potlood]
16 (omcirkeld)
[Rechts onderaan, stempel en handtekening]
19 JAN. 1942
[Handtekening onleesbaar, mogelijk 'B...'] * Goederen: Het document betreft de levering van 1134 balen "mossen". Gezien de gewichtseenheden (567 eenheden van 100 kg, wat neerkomt op 56.700 kg totaal) weegt één baal exact 50 kg. Dit suggereert dat het gaat om samengeperste balen turf of mos voor agrarisch of industrieel gebruik.
* Financieel: De bruto prijs is vastgesteld op 0,25 gulden per baal, wat een totaal geeft van f 283,50. Opvallend is het bedrag van f 255,15 dat daadwerkelijk betaald moet worden aan het "Centraal Inkoopkantoor". Dit is exact 90% van het totaalbedrag, wat duidt op een standaard inhouding of commissie van 10% door het inkoopkantoor.
* Logistiek: De leveringen vonden plaats per spoor ("Spoor Rulens") en vanaf locaties zoals "Werringbroek". De kolom "Aangekomen" toont dat de goederen fysiek eerder arriveerden (10 t/m 16 januari) dan dat ze administratief verwerkt werden.
* Organisatie: De vermelding van het "Centraal Inkoopkantoor v. Mossen" wijst op de gecentraliseerde distributie die tijdens de oorlogsjaren door de bezetter was opgelegd om de schaarse grondstoffen te controleren. Dit document is een representatief voorbeeld van de strak geleide economie in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Mossen en turf waren in deze periode cruciale brandstoffen en grondstoffen voor de landbouw (als strooisel in stallen) vanwege tekorten aan kolen en stro. Het gebruik van een centraal inkoopkantoor was verplicht gesteld om prijsopdrijving en zwarte handel tegen te gaan, waarbij dergelijke instanties vaak een vast percentage van de omzet inhielden voor administratieve kosten of als belasting voor de bezettingsautoriteiten. De rode "16" en de datumstempel duiden op een finale controle door een boekhoudkundige afdeling of revisor.