Archiefdocument
Origineel
20 oktober 1942 De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdams distributie- of marktwezen-orgaan). vD/HG.
46A/1/33 M.
20 October 1942.
het Centraal Verkoopkantoor
van mosselen,
te
BERGEN OP ZOOM.
Naar aanleiding van Uw brieven d.d. 9 en 13 October
jl. heb ik de eer U te berichten, dat ik het in principe onge-
wenscht acht, dat de mosselen te Amsterdam door de kleinhande-
laren worden verwerkt tot gekookte of gezuurde mosselen. Dezer-
zijds wordt dan ook geeischt, dat ze zooveel mogelijk in
verschen toestand aan het publiek worden verkocht. Er zijn
echter een aantal kooplieden, die sedert eenige jaren gewend
zijn om in hun winkel of op hun marktplaats de mosselen ge-
kookt aan het publiek te verkoopen. Mijnerzijds bestaat hier-
tegen vooralsnog geen bezwaar; uitbreiding van dit aantal acht
ik echter ongewenscht. Op grond hiervan behoort aan de in Uw
brief van 9 October genoemde personen: J. Jansen, P.A. Huysman,
W.J. Vermeulen en A.C. Postma geen vergunning te worden verleend,
aangezien zij volgens mededeeling van de Mosselencombinatie
in vorige jaren de mosselen versch aan het publiek hebben ver-
kocht.
Ten aanzien van de in Uw brief van 13 dezer genoemde
personen: H.P.M. Licht v.d. Poel en P. Verschuren kan de betref-
fende vraag echter bevestigend worden beantwoord, aangezien
deze kooplieden volgens de Combinatie de mosselen de laatste
jaren gekookt hebben verkocht.
De Directeur, * **Inhoud:** De brief betreft een besluit over welke Amsterdamse visboeren toestemming krijgen om mosselen gekookt of ingelegd te verkopen in plaats van rauw/vers. De directeur hanteert een strikt beleid: verkoop in verse toestand is de norm. Alleen kooplieden die kunnen aantonen dat zij dit in voorgaande jaren ook al deden ("verworven rechten"), krijgen een ontheffing.
- Besluitvorming:
- Geweigerd: J. Jansen, P.A. Huysman, W.J. Vermeulen en A.C. Postma (omdat zij voorheen verse mosselen verkochten).
- Toegewezen: H.P.M. Licht v.d. Poel en P. Verschuren (omdat zij van oudsher al gekookte mosselen verkochten).
- Toon: Formeel-ambtelijk en beslist. De directeur beroept zich op informatie van de "Mosselencombinatie" om zijn besluit te staven.
- Taalgebruik: Typisch voor het midden van de 20e eeuw (spelling-Marchant), met woorden als "onge-wenscht", "geeischt", "zooveel" en "mededeeling". Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was de voedselvoorziening en de handel daarin tot in de kleinste details gereguleerd door de overheid (de distributiestelsels en productschappen).
De nadruk op het verkopen van mosselen in "verschen toestand" had waarschijnlijk te maken met het voorkomen van voedselverspilling, hygiëne-eisen, en het makkelijker kunnen controleren van prijzen en hoeveelheden. Door de verwerking (koken of zuren) te beperken, hield de overheid meer grip op de keten. De brief illustreert de verregaande bureaucratische bemoeienis met individuele ondernemers in oorlogstijd; zelfs de wijze waarop een visboer zijn product aanbood, was onderhevig aan officiële vergunningen.