Kwitantie / Specificatie van ontvangst van goederen.
Origineel
Kwitantie / Specificatie van ontvangst van goederen. Week van 20 t/m 26 december 1942 (tijdens de Tweede Wereldoorlog). [Rechtsboven in rood potlood:]
13
[Hoofdtekst:]
Ontvangen in den week van 20 t/m 26 December 1942
aan mosselen 1839 balen à fl. 0.25 per baal fl. 459.75
[Tussenkopjes:]
Specificatie [onderstreept] / Aangevoerd. [onderstreept]
[Tabel met kolommen:]
datum afdracht / datum aanvoer
21-12-42 / 182 balen / fl. 45.50 / Spoor / 19-12-42
23-12-42 / 584 " / 146.= / Harlingerboot / 22-12-42
23-12-42 / 703 " / 175.75 / " / 21-12-42
23-12-42 / 176 " / 44.= / Spoor / 19-12-42
24-12-42 / 194 " / 48.50 / " / 23-12-42
[Totaaltellingen onderstreept:]
1839 / fl. 459.75
[Linksonder:]
~ Zijn 919 ½ [onleesbaar, mogelijk doorgehaald 'ton'] van 100 kg.
[Rechtsonder:]
A'dam 28 Dec 42
[Handtekening: H. Leurhoff / Meurhoff]
[Rechtsonder in rood potlood/stempel:]
467/1/63 Dit document is een boekhoudkundig bewijs voor de levering van een grote hoeveelheid mosselen aan het einde van 1942. Uit de specificatie blijkt dat de mosselen via twee verschillende wegen werden aangevoerd: per spoor en per boot (de 'Harlingerboot').
Opvallend is de omrekening onderaan: 1839 balen tegen een prijs van 25 cent per baal. De notitie linksonder ("919 ½ ... van 100 kg") suggereert dat één 'baal' mosselen in deze context 50 kilogram woog, aangezien 1839 balen van 50 kg precies 91.950 kg (of 919,5 eenheden van 100 kg) is. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de voedselvoorziening streng gereguleerd. Mosselen waren een belangrijke voedselbron omdat ze relatief goedkoop waren en niet onder de strengste vlees-rantsoenering vielen. Amsterdam fungeerde als een centraal distributiepunt. De vermelding van de 'Harlingerboot' wijst op aanvoer vanuit de Waddenzee/Friesland, een van de belangrijkste regio's voor de mosselvisserij. De rode nummers (13 en 467/1/63) zijn waarschijnlijk later toegevoegd door een archivaris voor catalogisering.
Samenvatting
Dit document is een boekhoudkundig bewijs voor de levering van een grote hoeveelheid mosselen aan het einde van 1942. Uit de specificatie blijkt dat de mosselen via twee verschillende wegen werden aangevoerd: per spoor en per boot (de 'Harlingerboot').
Opvallend is de omrekening onderaan: 1839 balen tegen een prijs van 25 cent per baal. De notitie linksonder ("919 ½ ... van 100 kg") suggereert dat één 'baal' mosselen in deze context 50 kilogram woog, aangezien 1839 balen van 50 kg precies 91.950 kg (of 919,5 eenheden van 100 kg) is.
Historische Context
Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de voedselvoorziening streng gereguleerd. Mosselen waren een belangrijke voedselbron omdat ze relatief goedkoop waren en niet onder de strengste vlees-rantsoenering vielen. Amsterdam fungeerde als een centraal distributiepunt. De vermelding van de 'Harlingerboot' wijst op aanvoer vanuit de Waddenzee/Friesland, een van de belangrijkste regio's voor de mosselvisserij. De rode nummers (13 en 467/1/63) zijn waarschijnlijk later toegevoegd door een archivaris voor catalogisering.