Archief 745
Inventaris 745-380
Pagina 95
Dossier 44
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.

20 mei 1942. Van: Onbekend (ondertekend als "ondergeteekenden", vermoedelijk ambtenaren van de Dienst der Marktwezen of een gerelateerde gemeentelijke afdeling).

Origineel

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 20 mei 1942. Onbekend (ondertekend als "ondergeteekenden", vermoedelijk ambtenaren van de Dienst der Marktwezen of een gerelateerde gemeentelijke afdeling). [Handgeschreven tekst bovenin:]
gezonden afschr. v Mens ter Directeur
(met 2 doornl.)
d/o 20/5 '42
VD/HG.

[Getypte tekst:]

46A/4/29 M.
20 Mei 1942.

Vischregeling te Amsterdam.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Onder verwijzing naar het onderhoud, dat ondergeteekenden op 18 dezer, naar aanleiding van den brief van 8 Mei jl. No. 46A/4/24 M. met U mochten hebben, hebben wij de eer U hieronder het resultaat te doen toekomen van het overleg, dat in verband met de uitvoering van de Vischregeling te Amsterdam inmiddels heeft plaatsgehad.

  1. Vergoeding aan de deskundigen, die op de Vischmarkt werkzaamheden zullen verrichten.
    Ten aanzien van dit punt deelen ondergeteekenden U mede, dat intusschen overleg is gepleegd met den Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale, waarbij deze Directeur zich ermede heeft vereenigd, dat de onderhavige kosten zullen worden bestreden uit de twee cent per pond vrachtvergoeding, welke van de koopers van levende aal en paling wordt geheven, in dier voege, dat daarvan 1 1/2 cent zal worden bestemd voor de vrachtvergoeding aan de inzenders, terwijl 1/2 cent zal worden gereserveerd voor diverse onkosten, waaruit dan ook eventueel eenige vergoeding voor bovenbedoelde werkzaamheden zal worden betaald.
    Voor de Gemeente vallen derhalve deze kosten volledig weg.

  2. Presentiegeld voor de leden der Verdeelingscommissie.
    Ten aanzien van deze vergoeding hebben wij ons op het standpunt gesteld, dat de Gemeente ter zake geen enkele vergoeding zal betalen; zoo noodig zal hieromtrent nog overleg worden gepleegd met den Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale.

  3. Contrôle op de verkoopsplaatsen.
    Alle kleinhandelaren, (met uitzondering van degenen die een vischwinkel of vischhal drijven, maar met inbegrip van de standplaatshouders buiten de markten), die uit de verdeeling visch betrekken, moeten met hun geheelen handel, dus ook met de vischsoorten, welke ze niet uit de verdeeling [tekst loopt onderaan af] De brief behandelt de financiële en organisatorische afwikkeling van de 'Vischregeling' in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. Drie kernpunten worden besproken:

  4. Financiering van deskundigen: De kosten voor toezichthouders op de vismarkt worden niet door de gemeente gedragen, maar verrekend via een heffing op de handel in aal en paling (2 cent per pond).
  5. Verdeelingscommissie: De gemeente weigert presentiegeld (vergoeding voor aanwezigheid) te betalen aan de leden van de commissie die de visdistributie regelt.
  6. Toezicht: Er wordt een strikte controle aangekondigd op visverkopers (met name straathandelaren en standplaatshouders), waarbij de gehele handelsvoorraad onder de regeling valt, ook de vis die buiten de officiële verdeling om is verkregen.

De toon is formeel-ambtelijk en getuigt van een strikte budgettaire beheersing door de gemeente Amsterdam ("Voor de Gemeente vallen derhalve deze kosten volledig weg"). Dit document stamt uit mei 1942, een periode waarin de voedselvoorziening in het bezette Nederland steeds strakker werd gereguleerd door de autoriteiten. De "Nederlandsche Visscherijcentrale" was een door de bezetter ingesteld orgaan (onderdeel van de landbouw- en visserijorganisatie) dat de totale productie en distributie van vis controleerde.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" in Amsterdam was in deze periode cruciaal voor het beheer van de schaarste. Dat er specifiek gesproken wordt over een heffing op "aal en paling" is interessant, omdat dit destijds belangrijke handelsproducten waren die zowel voor de binnenlandse markt als voor export (naar Duitsland) van belang waren. De brief illustreert hoe de bureaucratische machine zelfs onder bezetting doorwerkte om de kosten van markttoezicht te verschuiven van de publieke middelen naar de handelaren en consumenten zelf.

Samenvatting

De brief behandelt de financiële en organisatorische afwikkeling van de 'Vischregeling' in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. Drie kernpunten worden besproken:
1. Financiering van deskundigen: De kosten voor toezichthouders op de vismarkt worden niet door de gemeente gedragen, maar verrekend via een heffing op de handel in aal en paling (2 cent per pond).
2. Verdeelingscommissie: De gemeente weigert presentiegeld (vergoeding voor aanwezigheid) te betalen aan de leden van de commissie die de visdistributie regelt.
3. Toezicht: Er wordt een strikte controle aangekondigd op visverkopers (met name straathandelaren en standplaatshouders), waarbij de gehele handelsvoorraad onder de regeling valt, ook de vis die buiten de officiële verdeling om is verkregen.

De toon is formeel-ambtelijk en getuigt van een strikte budgettaire beheersing door de gemeente Amsterdam ("Voor de Gemeente vallen derhalve deze kosten volledig weg").

Historische Context

Dit document stamt uit mei 1942, een periode waarin de voedselvoorziening in het bezette Nederland steeds strakker werd gereguleerd door de autoriteiten. De "Nederlandsche Visscherijcentrale" was een door de bezetter ingesteld orgaan (onderdeel van de landbouw- en visserijorganisatie) dat de totale productie en distributie van vis controleerde.

De "Wethouder voor de Levensmiddelen" in Amsterdam was in deze periode cruciaal voor het beheer van de schaarste. Dat er specifiek gesproken wordt over een heffing op "aal en paling" is interessant, omdat dit destijds belangrijke handelsproducten waren die zowel voor de binnenlandse markt als voor export (naar Duitsland) van belang waren. De brief illustreert hoe de bureaucratische machine zelfs onder bezetting doorwerkte om de kosten van markttoezicht te verschuiven van de publieke middelen naar de handelaren en consumenten zelf.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Brandt Waterlooplein kooper (winkelier)
A. Brandt Waterlooplein kooper (winkelier)
A.Th.Waalberg, Kinkerstr. 60/62 Waterlooplein kooper winkelier
A.Th.Waalberg, Kinkerstr.60/62 Waterlooplein kooper winkelier
B. Soort Waterlooplein ongeknipt
B. Soort Waterlooplein ƒ 0,11 p.kg
B extra Waterlooplein ƒ 0,15 p.kg
Weduwe Roemer Waterlooplein kooper (winkelier)
Weduwe Roemer Waterlooplein kooper (winkelier)
Brasem (blei), meun, sneep en winde boven ½ kg Barbeel en kroeskarper Waterlooplein 0,41
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,30
C.Mooijer & Zonen
E.J.F. Weise Waterlooplein kooper winkelier
E.J.F. Weise Waterlooplein kooper winkelier
E. Schalm Waterlooplein kooper winkelier
E. Schalm Waterlooplein kooper winkelier
Gebr.Böhne
Gebr.Smit
Gestripte kabeljauw Waterlooplein 0,65
M. Sicma Waterlooplein 0,75
M. Sicma Waterlooplein 0,40
M. Sicma Waterlooplein 0,55
Gestripte wijting Waterlooplein 0,65
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6