Ambtelijke brief/rapportage (doorslag of concept).
Origineel
Ambtelijke brief/rapportage (doorslag of concept). 20 mei 1942. Behoort bij brief No. 46A/4/29 M. d.d. 20 Mei 1942 aan den Heer
Wethouder voor de Levensmiddelen van den Gemeente Adviseur voor
voedings- en distributieaangelegenheden en den Directeur van het
Marktwezen.
betrekken, op de markten plaats innemen.
Wat de contrôle op de aankomst van de kooplieden op de
markten en den verkoop en aflevering van hun visch aldaar betreft
kunnen de ondergeteekenden U mededeelen, dat deze als volgt zal
geschieden.
Het marktpersoneel zal hiervoor in belangrijke mate worden
ingeschakeld. In ieder geval zal op elke markt de aldaar dienst-
doende marktambtenaar opnemen met welke hoeveelheden visch de
kooplieden aankomen; deze opnamen zullen achteraf worden gecon-
trôleerd met de gegevens betreffende de verdeeling op de Visch-
markt; verder zullen de marktambtenaren, in samenwerking met het
personeel van den Centralen Crisis Contrôle Dienst (thans bestaan-
de uit 6 man, welk aantal zeer waarschijnlijk binnenkort belang-
rijk zal worden uitgebreid) en van de Prijsbeheersching bij den
verkoop der visch aan het publiek regelmatig toezicht houden.
Bovenstaande regeling, met de uitvoering waarvan dagelijks
eenige uren zijn gemoeid, zal vooralsnog zonder uitbreiding van
marktambtenaren mogelijk zijn, zoolang de zeevisch niet in de
verdeeling is opgenomen. Wanneer dit alsnog zou geschieden, moe-
ten de dan noodzakelijk wordende contrôle-maatregelen, die in dat
geval over een grooter aantal uren per dag zullen moeten strekken,
nader moeten worden bezien.
- Ventverbod.
Gelet op de bepalingen van het Tweede Uitvoeringsbesluit lijkt
ons vooralsnog een ventverbod voor visch voor de geheele stad
niet noodzakelijk. Het ware wellicht voldoende, wanneer door den
Burgemeester in het Besluit inzake het aanwijzen van de verkoops-
plaatsen wordt bepaald, dat de verkoop en aflevering van visch,
anders dan op deze verkoopsplaatsen, verboden is. Hieromtrent
zullen wij zoo spoedig mogelijk het noodige overleg plegen met
Uwe afdeeling.
De Gemeente Adviseur voor De Directeur van
voedings- en distributie- het Marktwezen,
aangelegenheden,
(Handgeschreven toevoeging onderaan het document:)
Wanneer de verdeelingswerkzaamheden zouden
worden uitgebreid, doordat de zeevisch daarin
wordt opgenomen, zullen wij U bijtijds een
voorstel doen toekomen, waarin [zal worden vermeld, welke] de maatregelen
t. a. v. de controle dan nog ev. moeten
worden genomen. Dit document betreft een beleidsvoorstel over de regulering van de vishandel in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De belangrijkste punten zijn:
- Controlemechanisme: Er wordt een systeem opgezet waarbij marktambtenaren de aangevoerde hoeveelheden vis registreren en controleren tegenover de officiële verdelingscijfers van de vismarkt.
- Handhaving: Er is sprake van een nauwe samenwerking tussen marktambtenaren, de "Centralen Crisis Contrôle Dienst" (CCCD) en de Dienst Prijsbeheersching. Dit wijst op een streng toezicht op zowel de fysieke stroom goederen als de gehanteerde prijzen (tegen de zwarte handel).
- Schaalbaarheid: Het document anticipeert op een mogelijke uitbreiding van de distributiemaatregelen naar 'zeevisch' (die blijkbaar op dat moment nog niet volledig in het rantsoeneringssysteem zat). De handgeschreven notitie onderaan versterkt dit punt.
- Ventverbod: De auteurs adviseren tegen een algeheel ventverbod voor de stad, maar stellen een subtielere aanpak voor: enkel verkoop toestaan op specifiek aangewezen locaties. Dit geeft de overheid meer grip op de controle zonder de handel volledig stil te leggen. Het document dateert van mei 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de grip op de Nederlandse economie en voedselvoorziening steeds verder verstrakte. De distributie van goederen was essentieel om tekorten te beheersen. De vermelding van de "Centralen Crisis Contrôle Dienst" is typerend voor deze periode; deze dienst was berucht om het opsporen van prijsopdrijving en illegale handel. De visserij was in deze jaren een complexe sector door de beperkingen op zee (mijnenvelden, oorlogsgevaar), waardoor de aanvoer onregelmatig was en strenge regulering vanuit het 'Marktwezen' noodzakelijk werd geacht om de bevolking van voedsel te voorzien en woekerprijzen te voorkomen.